Bij gebiedsontwikkeling en nieuwe woningbouwlocaties gebruiken we landelijke kencijfers, bijvoorbeeld van het CROW, en prognoses om het aantal laadpalen te voorspellen dat nodig is voor de wijk of buurt. Op basis daarvan bepalen we hoeveel laadpalen geplaatst worden bij de oplevering van het gebied of van de eerste woning(en) in het gebied. We nemen dit mee in de planvorming en de uitvoering. Daarbij kijken we ook naar de locatie van de wijk of woningen, het aantal en type te bouwen woningen en de totale parkeeroplossing, waaronder het aantal aan te leggen openbare parkeerplaatsen. We nemen hierin ook de mogelijkheden mee uit de concessie voor het plaatsen van openbare laadpalen in deze situaties. Het uitgangspunt is om te komen tot een dekkend netwerk van openbare laadpalen.

Het percentage van de openbare parkeerplaatsen dat bij gebiedsontwikkeling door de concessiehouder kan worden voorzien van een openbaar oplaadpunt (een laadpaal heeft twee oplaadpunten) is in ieder geval gelijk aan 4% in 2026, elk jaar na 2026 te verhogen met 0,5 procentpunt tot een maximum van 6% in 2030.

Als een gebied wordt heringericht en er staan al voldoende laadpalen om gebruiksdata te kunnen analyseren, dan is de laaddruk het uitgangspunt voor het (bij)plaatsen van openbare laadpalen.