- - binnen de bebouwde kom,
- - buiten de bebouwde kom, mits wordt voldaan aan de volgende eisen:
- - niet hoger dan 5 m, tenzij sprake is van een kas of bedrijfsgebouw van lichte constructie ten dienste van een agrarisch bedrijf,
- - de oppervlakte niet meer dan 150 m², en
- - het bouwen niet tot gevolg heeft dat het aansluitend terrein voor meer dan 50% wordt bebouwd dan wel dat de oppervlakte die op grond van het bestemmingsplan of de beheersverordening voor bebouwing in aanmerking komt voor meer dan 50% wordt overschreden;
Artikel 5
Bij toepassing van de artikelen 2, 3 en 4 blijft het aantal woningen gelijk.
1.1 EEN BIJBEHOREND BOUWWERK AAN DE ACHTERGEVEL EN DE ZIJGEVEL VAN WONINGEN BINNEN DE BEBOUWDE KOM
Gemeentelijke voorwaarden:
1) een bijbehorend bouwwerk dient op tenminste 1 meter achter het verlengde van de voorgevel van de betreffende woning te worden gerealiseerd;
2) indien een bijbehorend bouwwerk wordt gesitueerd op een zijerf dat grenst aan openbaar groen of de openbare weg , dient deze 3 meter uit de erfgrens te blijven, mits stedenbouwkundig aanvaardbaar.
3) de goothoogte van een bijbehorend bouwwerk mag niet meer bedragen dan de hoogte van de vloer van de eerste verdieping van het hoofdgebouw waartoe deze bebouwing behoort, vermeerderd met 0,30 meter;
4) de goothoogte van een bijbehorend bouwwerk mag niet meer bedragen dan 3 meter;
5) een bijbehorend bouwwerk mag plat worden afgedekt of met een dakhelling kleiner dan 45 °, indien de dakhelling van het hoofdgebouw groter is dan 45 ° mag een bijbehorend bouwwerk een dakhelling overeenkomstig het hoofdgebouw hebben;
6) voor percelen tussen de 0 m² en 100 m² geldt dat de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken niet meer mag bedragen dan 20% van de bij de woning behorende kavel, met een maximum van 20 m², mits stedenbouwkundig aanvaardbaar.
Bijbehorende som: 0,20 x kadastrale kaveloppervlak = X
7) voor percelen tussen de 100 m² en 500 m² geldt dat de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken niet meer mag bedragen dan 20 m² vermeerderd met 14% van het meerdere van 100 m² van de bij de woning behorende kavel , met een maximum van 75 m², mits stedenbouwkundig aanvaardbaar.
Bijbehorende som: 0,14 x (kadastrale kaveloppervlak -100 m²) + 20 m² = X
X = ≤ 75 m²
8) voor percelen groter dan 500 m² geldt dat de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken niet meer mag bedragen dan 75 m² vermeerderd met 2,5% van het meerdere van 500 m² van de bij de woning behorende kavel, met een maximum van 100 m², mits stedenbouwkundig aanvaardbaar.
Bijbehorende som: 0,025 x (kadastrale kaveloppervlak -500 m²) + 75 m²=X
X = ≤ 100 m²
9) het bouwen van bijbehorende bouwwerken mag niet tot gevolg hebben dat het aansluitend terrein voor meer dan 50% wordt bebouwd dan wel dat de oppervlakte die op grond van het geldende bestemmingsplan voor bebouwing in aanmerking komt met meer dan 50% wordt overschreden;
10) dakkapellen en/of dakopbouwen op vrijstaande bijbehorende bouwwerken worden niet toegestaan.
1.2 BIJBEHORENDE BOUWWERKEN VOOR DE VOORGEVEL VAN DE WONING BINNEN DE BEBOUWDE KOM
Gemeentelijke voorwaarden:
1) de diepte van een bijbehorend bouwwerk mag, gerekend vanaf de voorgevel van de woning maximaal 1,5 meter zijn, mits de diepte van de overblijvende, niet met gebouwen bebouwde voortuin ten minste 2,5 meter bedraagt;
2) de goothoogte van een bijbehorend bouwwerk mag niet meer bedragen dan de hoogte van de vloer van de eerste verdieping van het hoofdgebouw waartoe deze bebouwing behoort, vermeerderd met 0,30 meter;
3) de oppervlakte van een bijbehorend bouwwerk voor de voorgevel mag niet meer bedragen dan 12 m²;
4) een bijbehorend bouwwerk mag minimaal 1 meter uit de erfgrens wordt geplaatst;
5) een bijbehorend bouwwerk mag maximaal 2/3 van de breedte van de voorgevel beslaan;
6) een bijbehorend bouwwerk aan de voorzijde dient ten dienste te zijn van het vergroten van het woongenot, dus geen uitbreidingen van bergingen en schuren.
1.3 BIJBEHORENDE BOUWWERKEN TUSSEN DE VOORGEVEL VAN DE WONING EN DE VOOR DE VOORGEVEL GELEGEN BIJGEBOUWEN BINNEN DE BEBOUWDE KOM
Gemeentelijke voorwaarden:
1) de breedte van een bijbehorend bouwwerk tussen de woning en het bijgebouw voor de voorgevel, mag niet breder zijn dan het bestaande bijgebouw;
2) de hoogte van een bijbehorend bouwwerk mag niet meer bedragen dan de hoogte van de vloer van de eerste verdieping van het hoofdgebouw waartoe deze bebouwing behoort, vermeerderd met 0,30 meter;
3) de afstand tussen de woning en het voor de voorgevel gelegen bijbehorend bouwwerk moet minder dan 2 meter bedragen.
1.4 UITBREIDEN / OPRICHTEN BIJBEHORENDE BOUWWERKEN BIJ WONINGEN BUITEN DE BEBOUWDE KOM
Gemeentelijke voorwaarden:
1) een bijbehorend bouwwerk dient op tenminste 1 meter vanuit (het verlengde van) de voorgevel te worden gebouwd;
2) de goothoogte van een bijbehorend bouwwerk mag niet meer bedragen dan de hoogte van de vloer van de eerste verdieping van het hoofdgebouw waartoe deze bebouwing behoort, vermeerderd met 0,30 meter;
3) een bijbehorend bouwwerk mag plat worden afgedekt of met een dakhelling kleiner dan 45 °, indien de dakhelling van het hoofdgebouw groter is dan 45 ° mag de uitbouw een dakhelling overeenkomstig het hoofdgebouw hebben;
4) de nok van een bijbehorend bouwwerk is gelijk aan of lager dan de nok van het hoofdgebouw;
5) het totaal aan bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan 15% van de ten tijde van de ter inzage legging van het, op het perceel van toepassing zijnde, bestemmingsplan bij een woning behorende gronden met een maximum van 75 m²;
6) dakkapellen en/of dakopbouwen op een bijbehorend bouwwerk word niet toegestaan.
2)EEN GEBOUW TEN BEHOEVE VAN EEN INFRASTRUCTURELE OF OPENBARE VOORZIENING
als bedoeld in artikel 2, onderdeel 18, onder a, dat niet voldoet aan de in dat subonderdeel genoemde eisen, mits wordt voldaan aan de volgende eisen:
- - niet hoger dan 5 m, en
- - de oppervlakte niet meer dan 50 m².
Gemeentelijke voorwaarden:
Alle aanvragen zullen per geval worden beoordeeld.
3)EEN BOUWWERK, GEEN GEBOUW ZIJNDE
Mits wordt voldaan aan de volgende eisen:
- - Niet hoger dan 10m, en
- - De oppervlakte niet meer dan 50 m².
3.1 HEKWERK OP HET HOOFDGEBOUW
Gemeentelijke voorwaarde:
- - het hekwerk op het dakterras dient 1,5 meter vanaf de dakrand te zijn gesitueerd;
- - het hekwerk dient transparant te zijn;
- - het hekwerk dient ondergeschikt te zijn aan het hoofdgebouw;
- - het hekwerk mag maximaal 1,20 meter hoog zijn.
- - 2 HEKWERK OP EEN BIJBEHOREND BOUWWERK
Gemeentelijke voorwaarde:
- - het hekwerk dient transparant te zijn;
- - het hekwerk dient ondergeschikt te zijn aan de aanbouw;
- - het hekwerk mag maximaal 1,20 meter hoog zijn;
- - de aanbouw bevindt zich aan de achtergevel.
3.3 ERFAFSCHEIDING ZIJGEVEL
De toepassing van een omgevingsvergunningsprocedure voor een erfafscheiding voor de zijgevel is in principe akkoord, mits wordt voldaan aan de randvoorwaarden uit de welstandsnota van de Gemeente Amersfoort.
3.4 RECLAME UITING
De toepassing van een omgevingsvergunningsprocedure voor een reclame uiting is in principe akkoord, mits wordt voldaan aan de randvoorwaarden uit de welstandsnota van de Gemeente Amersfoort.
3.5 TRAP VAN TUIN NAAR BALKON OF (DAK)TERRAS
Gemeentelijke voorwaarden:
- - de hoogte van het hekwerk van de trap mag niet hoger zijn de hoogte van het hekwerk op het terras;
- - de trap dient 1 meter uit de erfgrens geplaatst te worden;
- - het plaatsen van de trap is alleen toegestaan indien op de eerste etage de woonkamer is gesitueerd;
- - het balkon of (dak)terras bevindt zich aan de achtergevel.
Overige aanvragen voor een bouwwerk, geen gebouw zijnde worden per geval beoordeeld.
- - EEN DAKKAPEL, DAKOPBOUW OF GELIJKSOORTIGE UITBREIDING VAN EEN GEBOUW
4.1 DAKKAPEL
De toepassing van een omgevingsvergunningsprocedure voor een dakkapel op een woning is in principe akkoord, mits wordt voldaan aan de randvoorwaarden uit de welstandsnota van de Gemeente Amersfoort.
4.2 DAKOPBOUW
Gemeentelijke voorwaarden:
- - indien minimaal twee maal eerder dezelfde dakopbouw is vergund in hetzelfde bouwblok, is het plaatsen van een identieke dakopbouw toegestaan;
- - de dakopbouw wordt geplaatst op een tussenwoning.
Overige aanvragen voor een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw worden per geval beoordeeld.
5)EEN ANTENNE-INSTALLATIE
mits niet hoger dan 40m.
Gemeentelijke voorwaarden:
Alle aanvragen worden per geval beoordeeld.
6)EEN INSTALLATIE BIJ EEN GLASTUINBOUWBEDRIJF VOOR WARMTEKRACHTKOPPELING
als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder w, van de Electriciteitswet 1988.
Gemeentelijke voorwaarden:
Alle aanvragen worden per geval beoordeeld.
7)EEN INSTALLATIE BIJ EEN AGRARISCH BEDRIJF WAARMEE DUURZAME ENERGIE WORDT GEPRODUCEERD DOOR HET BEWERKEN VAN UITWERPSELEN VAN DIEREN
tot krachtens artikel 5, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet aangewezen eindproducten van een krachtens dat artikellid omschreven bewerkingsprocedé dat ziet op het vergisten van ten minste 50 gewichtsprocenten uitwerpselen van dieren met in de omschrijving van dat procedé genoemde nevenbestanddelen.
Gemeentelijke voorwaarden:
Alle aanvragen worden per geval beoordeeld.
8)HET GEBRUIKEN VAN GRONDEN OF BOUWWERKEN TEN BEHOEVE VAN EVENEMENTEN
met een maximum van drie per jaar en een duur van ten hoogste vijftien dagen per evenement, het opbouwen en afbreken van voorzieningen ten behoeve van het evenement hieronder begrepen.
Gemeentelijke voorwaarden:
Alle aanvragen worden per geval beoordeeld.
9)HET GEBRUIKEN VAN BOUWWERKEN
Al dan niet in samenhang met inpandige bouwactiviteiten, mits wordt voldaan aan de volgende eisen:
- - binnen de bebouwde kom, en
- - de oppervlakte niet meer dan 1500 m².
Gemeentelijke voorwaarden:
Alle aanvragen worden per geval beoordeeld.
10)HET GEBRUIKEN VAN EEN RECREATIEWONING VOOR BEWONING
Mits wordt voldaan aan de volgende eisen:
- - de recreatiewoning voldoet aan de bij of krachtens de Woningwet aan een bestaande woning gestelde eisen;
- - de bewoning niet in strijd is met de bij of krachtens de Wet milieubeheer, de Wet geluidhinder, de Wet ammoniak en veehouderijen de Wet geurhinder en veehouderij gestelde regels of de Reconstructiewet concentratiegebieden;
- - de bewoner op 31 oktober 2003 de recreatiewoning in gebruik had en deze sedertdien onafgebroken bewoont, en
- - de bewoner op 31 oktober 2003 meerderjarig was.
Gemeentelijke voorwaarden:
Alle aanvragen worden per geval beoordeeld.
2.2 Wanneer wordt er geen omgevingsvergunning op grond van artikel 4 Bijlage II Bor verleend?
Aan een verzoek tot het verlenen van een omgevingsvergunning als bedoeld in de onderliggende nota wordt in ieder geval geen medewerking verleend wanneer :
- - niet wordt voldaan aan de voorwaarden als omschreven in deze nota, of;
- - het bouwplan ten koste gaat van een op het eigen terrein aanwezige parkeergelegenheid;
- - als door de uitvoering van de omgevingsvergunning in strijd gehandeld wordt met het burgerlijk wetboek, waarbij de belemmeringen een evident karakter hebben, of
- - de welstandscommissie een negatief advies heeft uitgebracht dat door het college van burgemeester en wethouders wordt onderschreven.