Het volgens artikel 34 van de wet in aanmerking te nemen vermogen wordt geheel in beschouwing genomen voor de draagkracht uit vermogen.
Het vermogen boven de vermogensgrens als bedoeld in artikel 34 van de wet, wordt gezien als draagkracht uit vermogen. Het vermogen boven deze vermogensgrens wordt voor de berekening van de draagkracht uit vermogen volledig als draagkracht in aanmerking genomen.
Bezittingen zoals bedoeld in artikel 34 tweede lid onder c van de wet worden niet tot de draagkracht uit vermogen gerekend.
Vermogen in een uitvaartverzekering wordt niet in aanmerking genomen voor de beoordeling van het recht bijzondere bijstand.
Bij de toepassing van artikel 34 lid 2 onder d van de wet wordt de overwaarde van de door belanghebbende of zijn gezin bewoonde woning met bijbehorend erf tot het vrij te laten normbedrag van. Niet meegenomen als vermogen. Het bedrag boven het vrij te laten normbedrag wordt als wel vermogen aangemerkt. Voor berekening van de draagkracht wordt de overwaarde berekend als de marktwaarde bij vrije oplevering minus de hypotheekschuld en het vrij te laten normbedrag.
Samenloop met artikel 50 Pw: als de overwaarde van uw woning hoger dan de vrijlating, dan kan de gemeente de bijstand verlenen, in de vorm van een lening (inclusief het vestigen van een hypotheek) tot de grens van 80% van de overwaarde.
De regeling geldt ook voor een eigen woonwagen of woonschip.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.
Draagkracht uit vermogen
Onderdeel van Beleidsregel bijzondere bijstand 2026-2027 gemeente Sluis