Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 5 › Paragraaf 5.8

Artikel 5.8.1

Voorwaarden voor verstrekking

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Oss 2026

Individuele ondersteuning wordt geboden aan inwoners die beperkingen hebben bij het zelfstandig functioneren of zonder de ondersteuning risico lopen om hun zelfredzaamheid te verliezen. Bij individuele ondersteuning wordt eerst gekeken naar wat de inwoner zelf kan en welke ondersteuning zijn sociaal netwerk kan bieden. De mate van zelfredzaamheid van de inwoner wordt onderzocht en gestimuleerd. Op basis daarvan wordt vastgesteld welke ondersteuning vanuit de gemeente aanvullend noodzakelijk is. De geboden ondersteuning wordt niet zwaarder of langer ingezet dan nodig is. Het inzetten van eigen kracht Hierbij kan in dit kader gedacht worden aan het handhaven van voorzieningen die al ingezet waren, zoals een belastingadviseur. Denk ook aan praktische oplossingen, zoals het kopen van een agenda en het plakken van briefjes ter herinnering aan taken. Onderzocht wordt op welke wijze de inwoner door zijn netwerk ondersteund kan worden, bijvoorbeeld door familieleden, vrienden of buren. Het gaat hier allereerst om de zogenoemde gebruikelijke hulp (zie Bijlage 2). Daarnaast wordt in het persoonlijke netwerk van de inwoner gezocht naar aanvullende ondersteuning op basis van vrijwilligheid of wederkerigheid. Hierbij kan gedacht worden aan één van de kinderen die de inwoner helpt bij het maken van en begeleiden naar afspraken, een tante die ondersteunt bij de administratie of buren die telefonisch de ‘vinger aan de pols’ houden. Ook kan gedacht worden aan een maatje dat de inwoner ergens heen begeleidt, een telefooncirkel en het inschakelen van een sport-, muziek- of andere vereniging. Een beroep doen op andere wetgeving In sommige situaties kan voor een oplossing een beroep worden gedaan op andere wet- of regelgeving: Als een inwoner een Wlz indicatie heeft of daarvoor in aanmerking komt, vindt de benodigde individuele begeleiding in het kader van de Wlz plaats en niet in het kader van de Wmo. Maatschappelijke dienstverlening is een voorliggende voorziening op individuele ondersteuning. Bij maatschappelijke dienstverlening in de wijken kunnen inwoners op een laagdrempelige manier met kortdurende problemen terecht, bijvoorbeeld bij problemen met het omgaan met geld of omgaan met conflictsituaties. Inwoners worden geholpen deze te ordenen en op te lossen zodat ze het voortaan zelf weer kunnen. Als taken overgenomen moeten worden, onder begeleiding uitgevoerd of thuis getraind moeten worden, dan is individuele ondersteuning passender. Bij inwoners die uitsluitend beperkingen ervaren ten aanzien van het doen van het huishouden wordt de voorziening hulp bij huishouden ingezet. Als de inwoner alleen regie over huishoudelijke taken nodig heeft en geen hulp bij het huishouden, wordt individuele ondersteuning ingezet. Hierbij valt te denken aan het plannen en voorbespreken van huishoudelijke activiteiten waarna de inwoner deze zelfstandig kan uitvoeren. Een individueel ondersteuner voert geen huishoudelijke taken uit. Of de inwoner is aangewezen op individuele ondersteuning of gespecialiseerde dagbesteding, wordt bepaald door de afweging wat zorginhoudelijk het meest doelmatig is. Ondersteuning in groepsverband is voorliggend op individuele ondersteuning als hetzelfde doel wordt beoogd. Wanneer de ondersteuning gericht is op het bieden van een dagstructuur, is ondersteuning in groepsverband de aangewezen vorm. Wanneer de zorgbehoefte gelegen is in het een of meerdere keren per week bieden van hulp bij het doornemen van de dag- of weekstructuur en de zorgbehoefte niet gelegen is in het daadwerkelijk bieden van die dagstructuur, dan is ondersteuning in individuele vorm aangewezen. Persoonlijke verzorging betreft meestal het overnemen van zelfzorg die de inwoner niet meer kan doen, al dan niet in combinatie met de regievoering over deze activiteiten. Het gaat bijvoorbeeld om in- en uit bed gaan, wassen, lichamelijke verzorging, bewegen, toiletgang, eten/drinken, aan- en uitkleden. Als er sprake is van het structureren, organiseren of aansporen van persoonlijke verzorging door een regieprobleem kan dit onderdeel uitmaken van de individuele ondersteuning binnen de Wmo. In dit geval heeft de inwoner naar verwachting ook beperkingen bij de uitvoering en regievoering van andere dagelijkse activiteiten waarvoor individuele ondersteuning nodig is. In alle andere situaties valt persoonlijke verzorging onder de Zorgverzekeringswet. Inname, attenderen op, aanreiken en toedienen van medicatie zijn altijd handelingen binnen de persoonlijke verzorging onder de Zorgverzekeringswet. Het toekennen van alléén persoonlijke verzorging is vanuit de Wmo niet mogelijk. Individuele ondersteuning bedoeld als behandeling valt onder de Zorgverzekeringswet. Als het gaat om oefenen, ondersteuning bij inslijten van vaardigheden, handelingen, gedrag en ondersteuning bij het aanbrengen van structuur of het voeren van regie, kan dit ook onder individuele ondersteuning vanuit de Wmo vallen. Behandeling en individuele ondersteuning kunnen naast elkaar bestaan en elkaar versterken. Behandeling kan invloed hebben op de intensiteit en duur van de individuele ondersteuning. Van de inwoner wordt verwacht dat hij zo optimaal mogelijk gebruik maakt van bestaande behandelmogelijkheden. Bij twijfel of er nog behandeling mogelijk is, kan een medisch advies worden opgevraagd. Als de inwoner gebruik maakt van de voorziening beschermd wonen, geldt dat geen individuele ondersteuning ingezet kan worden. Beschermd wonen is namelijk een totaalpakket waarbij de ondersteuning (bij beschermd wonen begeleiding genoemd) al 24 uur per dag beschikbaar is.

Rechtspraak bij dit artikel