**1..** Elke fractie kan maximaal twee commissieleden niet zijnde lid van Provinciale Staten laten benoemen. Benoeming vindt plaats op voordracht van de betreffende fractie.
**2..** Tot commissielid kunnen worden benoemd diegenen die voldoen aan de voorwaarden voor het lidmaatschap van Provinciale Staten, bedoeld in de artikelen 10 en 13 van de Provinciewet, met uitzondering van het leeftijdsvereiste. Voor wat betreft het leeftijdsvereiste dient een commissielid ten minste de leeftijd van zestien jaar bereikt te hebben. Een commissielid hoeft niet op de kieslijst te zijn vermeld en hoeft geen lid te zijn van de betreffende partij.
**3..** Commissieleden die kunnen worden toegelaten op grond van lid 2 leggen in handen van de voorzitter van Provinciale Staten de eed of de belofte af als bedoeld in artikel 14 van de Provinciewet.
**4..** Provinciale Staten kunnen een commissielid ontheffen uit de functie, als die niet langer het vertrouwen van Provinciale Staten geniet. De beraadslagingen hierover vinden plaats in een besloten Statenvergadering.
**5..** Als een fractie, die een commissielid heeft voorgedragen voor benoeming, niet meer in Provinciale Staten vertegenwoordigd is, is het voor het desbetreffende commissielid of -leden niet meer mogelijk deel te nemen aan de beraadslagingen en wordt het commissielid of -leden automatisch ontslag verleend.
**6..** Commissieleden mogen besloten Statencommissievergaderingen bijwonen. De regels rond geheimhouding die gelden voor Statenleden, gelden ook voor commissieleden.
**7..** Ten aanzien van een commissielid zijn de artikelen 11, 13 lid 1 en 3 van de Provinciewet van overeenkomstige toepassing.
Provinciewet art. 35: Provinciale Staten benoemen de gedeputeerden. Art. 31 is van toepassing op de stemming inzake de benoeming.
Hoofdstuk 2
Artikel 2
Benoeming commissieleden, niet zijnde lid van Provinciale Staten
Onderdeel van Reglement van Orde Provinciale Staten provincie Utrecht 2026