Bij de beoordeling kunnen in ieder geval de volgende feiten en gedragingen worden betrokken, voor zover zij relevant zijn voor de vergunning of activiteit:
geweldsdelicten, bedreiging, intimidatie, stalking, vernieling, brandstichting en openlijke geweldpleging;
drugsgerelateerde feiten, waaronder bezit, handel, productie, vervoer of facilitering van middelen als bedoeld in de Opiumwet;
wapenbezit, wapengebruik of handel in wapens of munitie;
overtredingen van de APV, de Alcoholwet of andere regels die relevant zijn voor de aangevraagde of verleende vergunning;
vermogensdelicten, heling, oplichting, afpersing, fraude, witwassen en valsheid in geschrift;
mensenhandel, mensensmokkel, arbeidsuitbuiting, ernstige arbeidsrechtelijke overtredingen en sociale zekerheidsfraude;
zedendelicten, discriminatie en strafbare belediging;
niet opvolgen van bevelen of aanwijzingen van politie, toezichthouders of het bevoegd gezag;
ordeverstoringen, structurele overlast, betrokkenheid bij bestuurlijke sluitingen of betrokkenheid bij incidenten rond openbare orde en veiligheid;
rijden onder invloed van alcohol, drugs of geneesmiddelen, weigeren van een ademonderzoek of ander onderzoek, of ernstige verkeersdelicten die relevant zijn voor de te beoordelen verantwoordelijkheid;
niet-nakoming van fiscale verplichtingen, indien de aard, omvang of herhaling daarvan relevant is voor de betrouwbaarheid van de betrokkene;
structurele overtreding van wet- en regelgeving waarvoor bestuursrechtelijke maatregelen kunnen worden opgelegd.
De opsomming in dit artikel is niet-limitatief. Andere feiten en gedragingen kunnen worden betrokken indien zij, gelet op de aard van de vergunning of activiteit, relevant zijn voor de beoordeling van het levensgedrag.
Hoofdstuk 3:
Artikel 3.3:
Relevante feiten en gedragingen
Onderdeel van Beleidsregel beoordeling levensgedrag gemeente Voorschoten 2026