**1..** Een auto of motor met een waarde tot maximaal € 4.500,00 wordt als algemeen gebruikelijk aangemerkt en wordt niet tot de middelen van belanghebbende gerekend.
**2..** Een auto of motor met een waarde hoger dan bedoeld in het eerste lid, wordt alleen tot de middelen van belanghebbende gerekend voor het deel van de waarde boven het bedrag in het eerste lid.
**3..** Als een belanghebbende beschikt of redelijkerwijs kan beschikken over meer dan één auto of motor, geldt de vrijlating zoals bedoeld in het eerste of tweede lid, slechts voor één auto of één motor.
**4..** Voor de vaststelling van de waarde van auto’s en motoren gaat het college uit van de laagst geschatte verkoopwaarde in de koerslijsten van de ANWB.
**5..** Als de auto of motor niet voorkomt in de koerslijsten van de ANWB kan het college de waarde vaststellen op basis van een schriftelijke en verifieerbare waardebepaling van een erkende dealer of een andere vergelijkbare, objectieve bron.
**6..** Het college kan een auto of motor buiten beschouwing laten bij het vermogen. Dit kan als het voertuig een hogere waarde heeft dan in lid 1 maar, gelet op de persoonlijke omstandigheden, noodzakelijk is voor het dagelijks functioneren of voor noodzakelijke zorgtaken. Dit geldt alleen als het niet redelijk is om te verwachten dat de belanghebbende de waarde te gelde maakt.
**7..** Bij deze beoordeling betrekt het college alle relevante feiten en omstandigheden, waaronder medische en sociale omstandigheden en de gebruiksmogelijkheden van het voertuig.
**8..** Er is in ieder geval sprake van een medische noodzaak als op grond van de Wmo een vervoersvoorziening is verstrekt.
Toelichting:
Lid 1:
Auto’s en motoren gelden als bezittingen die meetellen voor de vermogensvaststelling. Op grond van constante jurisprudentie geldt dat een auto of motor tot het vermogen van de belanghebbende behoort als hij daar daadwerkelijk de beschikking over heeft of redelijkerwijs over kan beschikken. Het college bepaalt dat zij de waarde van een auto of motor tot maximaal € 4.500, - vrijlaat.
Auto om medische redenen
In sommige gevallen kan het bezit van een auto om medische redenen noodzakelijk zijn. Denk bijvoorbeeld aan een autobus in verband met een gehandicapt familielid of een aangepaste auto vanwege een functiebeperking. In deze situaties wordt de waarde van de auto niet als vermogen beschouwd. Omdat de auto noodzakelijk is kan deze niet worden verkocht en is er dus niet redelijkerwijs mogelijkheid om over het vermogen te beschikken.
Lid 3:
Een auto of een motor kan tot maximaal € 4.500,- worden vrijgelaten. Als er meerdere auto’s en/of motoren zijn, kan deze vrijlating slechts op één voertuig worden toegepast.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.1
Vrijlaten waarde auto’s en motoren
Onderdeel van Beleidsregels Vermogen en Algemene Bijstandsnorm bij lage woonkosten of verblijf in inrichting 2026