**2.1.1..** Bij de aanvraag voor een bijstandsuitkering geldt de identificatieplicht van artikel 17, derde lid, van de Wet. De identiteit van de aanvrager kan worden vastgesteld aan de hand van de volgende documenten:
Een Nederlands paspoort of Nederlandse identiteitskaart;
Een vreemdelingendocument;
Een geldig nationaal, diplomatiek of dienstpaspoort van een EU- of EER-inwoner;
Een geldig Nederlands of Europees rijbewijs (bankkaartmodel);
Identificatie via DigiD (niveau substantieel), inclusief elektronische identificatiemiddelen met een gelijkwaardig betrouwbaarheidsniveau uit andere EU/EER-lidstaten.
**2.1.2..** Wij bieden de mogelijkheid om bijstandsaanvragen volledig digitaal in te dienen met identificatie via DigiD. Voor de aanvraag via DigiD dient de aanvrager een eenmalige ID-check te ondergaan met een geldig identiteitsbewijs (paspoort, rijbewijs of identiteitskaart).
**2.1.3..** Inwoners zonder DigiD kunnen de aanvraag ook op een niet-digitale wijze indienen, waarbij de identiteit wordt vastgesteld aan de hand van de documenten zoals genoemd in het eerste lid.
**2.1.4..** Indien twijfel bestaat over de verblijfsstatus of nationaliteit van de aanvrager, kan de gemeente aanvullende documenten opvragen, zoals gegevens uit de Basisregistratie Personen (BRP).
Hoofdstuk 2
Artikel 2.1
Identificatie bij bijstandsaanvragen
Onderdeel van Beleidsregels werk, inkomen en bijzondere vergoedingen Lingewaard 2026