Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.10

Commerciële prijs kamerhuur of kostgang

Onderdeel van Beleidsregels werk, inkomen en bijzondere vergoedingen Lingewaard 2026

2.10.1.. Artikel 19a eerste lid onder c van de Wet bepaalt onder andere dat de persoon die van een derde een kamer huurt en een commerciële prijs betaalt niet als kostendeler wordt gezien. Ten aanzien van het begrip commerciële prijs hanteert het college de volgende regels: een kale huurprijs vanaf € 230,- per maand wordt gezien als een commerciële prijs; een inclusieve huurprijs vanaf € 280,- per maand wordt gezien als een commerciële prijs; een prijs voor kostgangers vanaf € 480,- per maand wordt gezien als een commerciële prijs. 2.10.2.. De in het eerste lid opgenomen uitgangspunten zijn weerlegbare rechtsvermoedens. Als een belanghebbende een lagere prijs verschuldigd is dan de in het eerste lid opgenomen prijzen en hij toch van mening is dat in zijn geval sprake is van een commerciële prijs, is het aan hem om dit aan te tonen. 2.10.3.. Het college hanteert de regel dat indien er sprake is van een woning van een derde die al dan niet met individuele huurcontracten in gedeelten (kamers) wordt verhuurd, in beginsel wordt aangenomen dat er sprake is van een commerciële prijs. In dat geval is tussen de bewoners onderling geen sprake van kostendeling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel