**2.11.1..** Het college kan afzien van toepassing van de kostendelersnorm als opvang wordt geboden aan:
een (dreigend) dak- of thuisloze;
een persoon in acute nood (bijvoorbeeld na huiselijk geweld, uitzetting, brand of vergelijkbare calamiteiten);
ontheemden uit Oekraïne.
**2.11.2..** De beoordeling niet toepassen van de kostendelersnorm omvat in elk geval:
noodzaak: er is objectieve nood (opvang voorkomt/ beëindigt dakloosheid of crisissituatie).
tijdelijkheid: opvang duurt maximaal 6 maanden; een herbeoordeling vindt uiterlijk in maand 6 plaats.
eigen woonsituatie: de hoofdbewoner behoudt zijn eigen huishouding; er is geen sprake van duurzaam samenwonen.
registratie: het college legt de datum start opvang en de beoogde einddatum vast en bewaakt de termijn.
** 2.11.3. .** Na afloop van de termijn van 6 maanden:
beoordeelt het college opnieuw of de opvang noodzakelijk is;
kan in uitzonderlijke gevallen éénmalig verlenging worden verleend (met motivering), indien toepassing van de kostendelersnorm onevenredig zou zijn;
wordt, als de noodzaak is vervallen of de opvang feitelijk duurzaam is geworden, de kostendelersnorm weer toegepast conform de Wet.
** 2.11.4. .** Wanneer de kostendelersnorm niet wordt toegepast, worden inkomsten die de inwoner ontvangt uit kamerverhuur of kostgang verrekend met de bijstand volgens artikel 19 en paragraaf 3.4 van de Wet.
** 2.11.5. .** Kosten die direct samenhangen met kamerhuur, kostgang of de tijdelijke opvang worden uitsluitend in mindering gebracht op de inkomsten als de inwoner deze aantoont of voldoende aannemelijk maakt. Het college beoordeelt de redelijkheid van de opgevoerde kosten.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.11
Inkomsten kamerhuur of kostgang en (niet) toepassen kostendelersnorm
Onderdeel van Beleidsregels werk, inkomen en bijzondere vergoedingen Lingewaard 2026