1. Vergunningen die zijn verleend onder de werking van de brandbeveiligingsverordening bedoeld in artikel 9 of eerdere brandbeveiligingsverordeningen die van kracht zijn op het moment van inwerkingtreding van deze verordening worden aangemerkt als vergunning krachtens deze verordening.2. Indien vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om vergunning op grond van de ”Brandbeveilingsverordening Bergeijk” d.d. 22 april 1999, is ingediend waarop nog niet is beslist, wordt daarop deze verordening toegepast.3. Op bezwaarschriften gericht tegen een beschikking op een aanvraag om vergunning krachtens de ”Brandbeveilingsverordening Bergeijk” d.d. 22 april 1999,wordt beslist met toepassing van deze verordening.