Overheidsinstanties zijn gebonden aan de Europese wet- en regelgeving met betrekking tot het verbod op staatssteun. Het doel van deze wet- en regelgeving is het creëren van gelijke concurrentievoorwaarden. Er is sprake van staatssteun zodra cumulatief aan de volgende voorwaarden benoemd in het verdrag betreffende de werking van de Europese Unie3Artikel 107 lid 1 verdrag betreffende de werking van de Europese Unie wordt voldaan:
De steun wordt verleend aan een onderneming die een economische activiteit verricht.
De steun wordt door staatsmiddelen bekostigd.
Deze staatsmiddelen verschaffen een economisch voordeel dat niet via normale commerciële weg zou zijn verkregen (non-marktconformiteit).
De maatregel is selectief: het geldt voor één of enkele ondernemingen, een specifieke sector/regio.
De maatregel vervalst de mededinging (in potentie) en (dreigt te) leiden tot een ongunstige beïnvloeding van het handelsverkeer in de EU.
Gemeentelijk handelen dat leidt tot ongeoorloofde staatsteun is niet toegestaan. Het overtreden van de staatssteun-regels kan leiden tot juridische procedures met mogelijke financiële consequenties voor de marktpartij die de staatssteun ontvangt. Staatsteun speelt niet alleen bij de verkoop van onroerende zaken, maar ook bij de aankoop ervan en het inkopen van werken, diensten of leveringen.
Om bij de verkoop, uitgifte in erfpacht, verhuur of verpachting en bij de aankoop van een onroerende zaak, dient er een marktconforme transactie plaats te vinden. Er is sprake van een marktconforme transactie indien:
De prijs maximaal 5% hoger of lager is dan een vooraf opgestelde taxatie door een onafhankelijk taxateur.
De prijs is verkregen door middel van het volgen van een openbare biedprocedure.
Voor de verdere randvoorwaarden met betrekking tot het garanderen van marktconformiteit van grondtransacties wordt verwezen naar de uitgangspunten in de grondprijzenbrief.
Voor het waarderen van aan te kopen en te verkopen gronden is niet per se een externe waardebepaling of taxatierapport nodig. Het is toegestaan dat deze waarderingen op basis van vakramingen door interne medewerkers (afdeling Grondzaken) worden opgesteld. Gezien de mogelijke grote financiële consequenties op de gemeentelijke financiën is het van belang dat dit zo nauwkeurig mogelijk gebeurt, dat er een solide onderbouwing aanwezig is en dat er altijd een collegiale toets plaatsvindt.
Bij zeer specifiek vastgoed is het aan te raden om altijd een externe waardebepaling of taxatie te hanteren ter onderbouwing voor de waardering. Bij de transactie van een onroerende zaak met een externe partij dient er ter onderbouwing van de marktconformiteit altijd een externe taxatie aan de transactie ten grondslag te liggen. Dit geldt echter niet voor transacties tegen een vaste grondprijs zoals opgenomen in de grondprijzenbrief. Voor interne ‘transacties’ wordt de waarde bepaald op basis van de hoogste waarde van de boekwaarde en de marktwaarde, waarbij de marktwaarde door een externe taxateur wordt bepaald.