1.. De commissie bestaat uit minimaal twee leden, de voorzitter daaronder begrepen, voor de plannen die geen betrekking hebben op erfgoed en drie leden, de voorzitter daaronder begrepen, voor plannen die betrekking hebben op erfgoed.

2.. De leden en de plaatsvervangers worden benoemd op persoonlijke titel en op grond van de professionele deskundigheid die nodig is voor de advisering, alsmede op grond van maatschappelijke kennis en ervaring. De raad mandateert het college om de voorgedragen leden te benoemen.

3.. De commissie telt gelet op artikel 17.9, eerste lid, van de wet minimaal twee leden deskundig op het gebied van erfgoedzorg.

4.. De disciplines die de leden in gezamenlijkheid vertegenwoordigen zijn: architectuur, stedenbouw, cultuurhistorie, bouw- en architectuurhistorie en/of restauratiearchitectuur.

5.. De leden en de plaatsvervangers zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur.

6.. De leden en de plaatsvervangers zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur.