Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.3

Voorzieningen

Onderdeel van Nota Reserves & voorzieningen gemeente Heemskerk 2025

De vorming van voorzieningen is in het BBV veel dwingender voorgeschreven dan de vorming van reserves. De uitgangspunten voor het instellen van een voorziening en het in stand houden daarvan zijn binnen het BBV (artikel 44) aan strikte regelgeving gebonden. Voorzieningen worden verplicht gevormd voor: verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten (bijvoorbeeld juridische claims in afwachting van een rechterlijke uitspraak). op de balansdatum bestaande risico's ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten (bijvoorbeeld reorganisaties). kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren (bijvoorbeeld cyclisch onderhoud aan gebouwen). de bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing wordt geheven, als bedoeld in artikel 35 lid 1 onder b: “investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven” (bijvoorbeeld riolering). de van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden. Met uitzondering van de van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren. geen voorziening mag worden gevormd voor jaarlijks terugkerende aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een vergelijkbaar volume, zoals vakantiegelden en pensioen- en wachtgeldverplichtingen. Dergelijke kosten moeten in de lopende exploitatie worden opgenomen. Voor verplichtingen waarvan het bedrag oploopt, bijvoorbeeld voor wachtgeldverplichtingen bij personele krimp, kan een voorziening worden gevormd als in de exploitatie geen rekening wordt gehouden met deze kosten. De noodzaak voor toevoegingen aan en/of bestedingen ten laste van voorzieningen behorende tot het eerste en tweede aandachtsstreepje wordt beoordeeld aan de hand van feiten en omstandigheden die zich voordoen bij het opstellen van de jaarstukken. De bestedingen en toevoegingen van de andere categorieën zijn gebaseerd op bestedingsplannen, onderhoudsplanningen, vervangingsschema’s etc. Een onderhoudsvoorziening mag alleen worden gevormd voor cyclisch onderhoud aan kapitaalgoederen zoals wegen en gebouwen. Het vormen van een voorziening is niet verplicht; lasten kunnen ook ongelijkmatig in de begroting worden opgenomen. Een onderhoudsvoorziening kan alleen worden gevormd indien een (meerjaren)onderhoudsplan (voor een periode van minimaal 4 jaar) beschikbaar is. Dit plan dient periodiek te worden geactualiseerd. Het groot onderhoud en de vervanging kunnen uit de voorziening worden gedekt. De paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen in de begroting en jaarrekening geeft inzicht in het gewenste onderhoudsniveau. Een voorziening moet dekkend zijn voor toekomstige verplichtingen en de onderbouwde risico’s. Om deze reden mogen voorzieningen niet groter of kleiner zijn dan de risico’s of verplichtingen waarvoor ze zijn gevormd. Artikel 45 BBV sluit het toerekenen van rente aan voorzieningen uit. Artikel 55 BBV definieert exact welke informatie jaarlijks en waar moet worden verantwoord. In de jaarrekening moet in de toelichting op de balans de aard en reden van elke voorziening en de mutaties worden vermeld. Het BBV staat niet toe dat een voorziening een negatieve stand heeft.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel