Het college kan op verzoek van de vergunninghouder of diens rechtsopvolger de tenaamstelling van een standplaatsvergunning wijzigen in het geval van bedrijfsopvolging door een familielid of een werknemer. Van bedrijfsopvolging is uitsluitend sprake indien de opvolger aantoonbaar twee jaar voorafgaand aan de overname bij de onderneming van de vergunninghouder in dienst is. Hierbij gaat het zowel om familie als een werknemer. De opvolger kan uitsluitend de nog lopende geldigheidsduur van de bestaande vergunning overnemen. De onderneming dient ongewijzigd te worden voortgezet, waarbij de standplaats en de aard van de activiteiten gelijk blijven aan die waarvoor de oorspronkelijke vergunning is verleend.