**1..** Het college brengt een rangschikking aan in de aanvragen die op grond van dit hoofdstuk in aanmerking komen voor subsidie.
**2..** Bij de rangschikking van de aanvragen bedoeld voor activiteiten op grond van dit hoofdstuk kent het college punten toe aan de hand van de volgende criteria en tot het daarbij vermelde maximumaantal:
- - de mate waarin de aanvrager ervaring heeft met het effectief stimuleren van cultuurparticipatie van inwoners met een afstand tot kunst- en cultuur. Dit blijkt uit het aantal jaren dat de aanvrager structureel met activiteiten op het gebied van cultuurparticipatie actief is en uit een terugblik waarin het effect van de activiteiten op de doelgroep is omschreven:
- - twee jaar ervaring of meer en het effect van de activiteiten op de doelgroep is goed onderbouwd: 6 punten;
- - één jaar tot twee jaar ervaring of het effect van de activiteiten op de doelgroep is matig onderbouwd: 3 punten;
- - minder dan één jaar ervaring of het effect van de activiteiten op de doelgroep is slecht onderbouwd: 0 punten;
- - de mate waarin de aanvrager werkt met een aanpak waarbij alle stappen om de in de aanvraag opgenomen resultaten te bereiken zijn onderbouwd. Dit blijkt uit de praktische of theoretische onderbouwing waarop de voorgestelde aanpak is gebaseerd:
- - de aanpak is volledig en goed onderbouwd: 6 punten;
- - de aanpak is volledig en matig onderbouwd: 3 punten;
- - de aanpak is onvolledig of slecht onderbouwd: 0 punten;
- - de aanvrager toont aan dat deze bij het uitvoeren van de activiteiten op een dusdanige wijze samenwerkt met partners, dat dit bijdraagt aan een effectieve en efficiënte uitvoering van de activiteiten. Dit blijkt uit een beschrijving met welke partners wordt samengewerkt, waarom deze partners relevant zijn, hoe deze samenwerking vorm krijgt en de toegevoegde waarde voor het effectief en efficiënt uitvoeren van de activiteiten van deze samenwerking:
- - de samenwerking is van grote toegevoegde waarde voor het effectief en efficiënt uitvoeren van de activiteiten: 6 punten;
- - de samenwerking is van toegevoegde waarde voor het effectief en efficiënt uitvoeren van de activiteiten: 3 punten;
- - de samenwerking is van beperkte of geen toegevoegde waarde voor het effectief en efficiënt uitvoeren van de activiteiten: 0 punten;
- - de mate waarin de aanvrager vraaggericht werkt en ervoor zorgt dat het cultuuraanbod aansluit bij de behoeften van de deelnemers. Dit blijkt uit een proactieve en periodieke uitvraag van de behoeften en ervaringen bij de doelgroep en uit een beschrijving van de wijze waarop deze informatie leidt tot passend aanbod van de aanvrager of andere aanbieders. De aanvrager doet:
- - periodiek een proactieve uitvraag en de informatie leidt tot passend aanbod: 6 punten;
- - periodiek een proactieve- uitvraag maar de informatie leidt niet of nauwelijks tot passend aanbod: 3 punten;
- - niet of nauwelijks periodiek een proactieve uitvraag: 0 punten;
- - de mate waarin de risico’s voor de uitvoering van de activiteiten zijn beschreven, inclusief de beheersmaatregelen wanneer het risico zich voordoet:
- - de risico’s en beheersmaatregelen zijn voldoende beschreven: 2 punten;
- - de risico’s of beheersmaatregelen zijn onvoldoende beschreven: 0 punten.
**3..** Alleen aanvragen met minimaal 14 punten komen in aanmerking voor subsidie.
**4..** Wanneer het totaalbedrag van de te honoreren aanvragen hoger is dan het vastgestelde deelplafond op grond van dit hoofdstuk, honoreert het college de aanvragen in volgorde van de door het college aangebrachte rangschikking totdat het vastgestelde subsidieplafond bereikt is.
**5..** Als aanvragen na toepassing van het vierde lid gelijk zijn gerangschikt, stelt het college de onderlinge rangschikking van die aanvragen vast door middel van loting.