1. Het college zorgt bij het uitoefenen van de financieringsfunctie voor:
a. het aantrekken van voldoende financiële middelen en het uitzetten van overtollige gelden om de programma’s binnen de door de raad vastgestelde kaders van de begroting uit te voeren;
b. het beheersen van de risico’s verbonden aan de financieringsfunctie zoals renterisico’s, koersrisico’s en kredietrisico’s;
c. het beperken van de kosten van leningen en het bereiken van een voldoende rendement op uitzettingen;
d. het beperken van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities.
2. Het college neemt bij het uitvoeren van de financieringsfunctie de richtlijnen in acht zoals deze zijn opgenomen in het Treasurystatuut gemeente Bergeijk 2007 of conform het treasurystatuut zoals dat in de toekomst zal worden vastgesteld ter vervanging van en/of aanvulling op het in het treasurystatuut vastgelegde beleid.