**1..** De burgemeester verleent uitsluitend een ontheffing indien wordt voldaan aan de voorwaarden genoemd in artikel 2.3.2 van het Vuurwerkbesluit en de voorwaarden genoemd in deze beleidsregel.
**2..** De aanvraag wordt gedaan door een stichting of vereniging met een lokale binding en inschrijving in het handelsregister.
**3..** De aanvraag heeft betrekking op een door de aanvrager genoemde locatie binnen de gemeente Aa en Hunze. De aanvrager toont aan dat hij gerechtigd is om de locatie voor de vuurwerkactiviteit te gebruiken.
**4..** De aanvraag bevat een naar het oordeel van de burgemeester een afdoende veiligheidsplan. Het veiligheidsplan beschrijft hoe wordt voldaan aan de voorschriften zoals benoemd in artikel 2.3.2a van het Vuurwerkbesluit en artikel 3, lid 2 onder g van de beleidsregels.
**5..** De burgemeester beoordeelt de locatie van de vuurwerkactiviteit en het bijbehorende veiligheidsplan aan de hand van het Vuurwerkbesluit en deze beleidsregel.
**6..** Onverminderd de voorwaarden van artikel 2.3.2 van het Vuurwerkbesluit, komt een locatie niet in aanmerking voor een ontheffing, indien deze is gelegen op een afstand van minder dan 300 meter tot:
- - een Natura 2000-gebied;
- - een kinderboerderij, manege of brandgevaarlijk monument.
**7..** De burgemeester wint advies in bij de politie, de Veiligheidsregio en andere betrokken instanties.
**8..** Indien uit het advies, bedoeld in het zevende lid, blijkt dat aanvullende gegevens of aanpassingen noodzakelijk zijn, wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld deze aan te leveren binnen 7 dagen, dan wel worden er extra voorschriften verbonden aan de ontheffing.
**9..** Indien dit voor een zorgvuldige beoordeling van de aanvraag noodzakelijk is, kan de locatie van de vuurwerkactiviteit ter plaatse worden gecontroleerd.
**10..** De aanvrager verstrekt op verzoek alle informatie die noodzakelijk is voor de beoordeling van de locatie van de vuurwerkactiviteit of het veiligheidsplan.