1.. Het tijdstip van begraven of bijzetten van stoffelijke resten en het bezorgen van as wordt telkens en voor elk geval afzonderlijk door de beheerder, in overleg met de betrokken nabestaanden, of de persoon die namens de nabestaanden optreedt, vastgesteld.

2.. Het begraven buiten de in de nadere regels benoemde tijden op werkdagen en zaterdagen is slechts mogelijk met ontheffing van het college. In dat geval wordt de tijd van begraven aangemerkt als een buitengewoon uur.