1.. De enquêtecommissie bepaalt op welke manier de verhoren openbaar zijn of worden gemaakt.

2.. Degenen die, na toestemming van de voorzitter, tijdens de verhoren geluid-, film-, of beeldmateriaal willen maken doen hiervan mededeling aan de voorzitter en gedragen zich naar de aanwijzingen van de voorzitter.

3.. De enquêtecommissie kan, in afwijking van wat in het eerste is bepaald, besluiten dat in het belang van het beschermen van de persoonlijke levenssfeer van getuigen er door toehoorders en pers geen of maar beperkt geluid-, film-, of beeldmateriaal mag worden gemaakt tijdens de verhoren.