• - De eigenaar, houder of verzorger van een hond, alsmede hij die een hond onder zijn hoede heeft, is verplicht er zorg voor te dragen dat die hond zich, binnen de bebouwde kom, niet van uitwerpselen ontdoet op de openbare weg of op voor publiek toegankelijke plaatsen.
  • - Het eerste lid is niet van toepassing op de eigenaar of houder vna een hond die zich vanwege zijn handicap door een geleidehond of sociale hulphond laat begeleiden.
  • - Burgemeester en wethouders kunnen plaatsen aanwijzen waar het verbod genoemd in het eerste lid niet geldt.
  • - De eigenaar, houder of verzorger van een hond, alsmede hij die een hond onder zijn hoede heeft, is verplicht, binnen de bebouwde kom, een deugdelijk hulpmiddel, dat gezien vorm en constructie, als zodanig is bestemd voor het verwijderen van de uitwerpselen, bij zich te dragen en dit op eerste vordering van de met de zorg voor de naleving van de bepalingen van deze verordening belaste ambtenaar, te tonen.
  • - De strafbaarheid wegens van het in het eerste lid gestelde gebod wordt opgeheven, indien de eigenaar, houder of verzorger van een hond alsmede hij die een hond onder zijn hoede heeft, ervoor zorg draagt dat de uitwerpselen onmiddellijk worden verwijderd met het in het derde lid bedoelde hulpmiddel.