1. Burgemeester en wethouders zenden onmiddellijk een afschrift van de aanvraag om vergunning voor een beschermd rijksmonument met de naar voren gebrachte zienswijzen aan de Monumentencommissie.
2. De Monumentencommissie adviseert, voor zover het betreft verbouw- en restauratieplannen van normale aard, schriftelijk over de aanvraag binnen acht weken na de datum van verzending van het afschrift.
3. Bij overschrijding van de in het tweede lid genoemde termijn wordt de Monumentencommissie geacht geadviseerd te hebben.
4. Wanneer er sprake is van afbraak van een beschermd rijksmonument, het reconstrueren van een beschermd rijksmonument of het geven van een nieuwe bestemming van een beschermd rijksmonument, zullen burgemeester en wethouders advies vragen aan de Minister, oftewel de Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten. Indien de aanvraag een beschermd rijksmonument betreft dat buiten de bebouwde kom ligt, zenden burgemeesters en wethouders onmiddellijk afschrift van de aanvraag om vergunning aan gedeputeerde staten.
5. In de gevallen, bedoeld in het vierde lid, adviseert De Minister schriftelijk over de aanvraag binnen twee maanden na de datum van verzending van het afschrift. Indien Gedeputeerde Staten advies uitbrengen, gebeurt dat schriftelijk binnen twee maanden na de datum van verzending van het afschrift.
Hoofdstuk VI
Artikel 25
Vergunning voor beschermd rijksmonument
Onderdeel van Erfgoedverordening gemeente Neder-Betuwe 2010