1. Het is verboden een brandbaar gas of gasmengels uit een vat
te doen overstromen in een ander vat dat niet bestemd of
ingericht is om dat gas of gasmengsel te bevatten.
2. Het is verboden gassen of gasmengsels in drukvaten of in
leidingen te verwarmen.
3. Het is verboden een brandbaar gas te bezigen voor het vullen
van speelgoed, hobby- en sportartikelen, anders dan
luchtvaartuigen bedoeld in de Regeling inzake het met bepaalde
luchtvaartuigen opstijgen van en landen op alsmede het inrichten
van niet als luchtvaartterreinen aangewezen terreinen (Stb.
1988, 511).
4. Het is verboden een brandbare vloeistof, een brandbaar gas of
gasmengsel of een brandbare damp te laten wegstromen op zodanige
wijze dat daardoor brand kan ontstaan.
5. Het is verboden gloeiende vaste stoffen op te slaan, te
vervoeren of weg te gooien op zodanige wijze dat daardoor brand
ontstaat.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 3
Artikel 2.3.6
Verboden handelingen met stoffen
Onderdeel van Brandbeveiligingsverordening