Beschrijving
Bijvanck is een grote uitbreidingswijk uit de jaren '70 waarvan een
deel in de gemeente Huizen ligt. Beide delen sluiten naadloos op elkaar
aan. De ruimtelijke opbouw is typerend voor die tijd, een groene wijk
met een bijna hiërarchieloos stratenpatroon. De wijk bestaat uit
woonbuurten die gegroepeerd rondom het centrumgebied zijn gelegen. Het
centrumgebied vormt zowel ruimtelijk als functioneel het hart van de
wijk. Om het centrumgebied Bijvanck dienst te laten doen als wijkcentrum
voor een groter gebied, is herstructurering van het gebied gewenst. De
woonbuurten worden onderling door de groenstructuur van elkaar
gescheiden. De verschillende clusters binnen de woonbuurten bestaan
steeds uit één woningtype van eenzelfde architectuur. Elk cluster vormt
als het ware een compositie, terwijl verschillende clusters samen ook
weer zorgvuldig in elkaar grijpen tot een woonbuurt. De meeste woningen
bestaan uit twee bouwlagen met kap. De woningen hebben niet altijd een
duidelijke voor- of achterzijde. Dit is mede het gevolg van diepe
voortuinen die vaak afgeschermd zijn door hoge hagen. Veel achtertuinen
van de woningen grenzen aan de openbare weg of openbare ruimte. De
woningen staan veelal in een gestaffelde of rechte rooilijn die de
contouren van de wegen volgt. Dit is een typische karakteristiek van
deze wijk. Bij de grondgebonden woningen is sprake van afwisselende
kapvormen en dakvlakken. Regelmatig zijn voorts uitbouwen, bergingen en
carports onder een doorlopende kap opgenomen aan de voorzijde van de
woningen. Op een aantal plaatsen verspringen de rooilijnen (zoals aan de
Stobbe) waardoor aan de voorzijde van de woning, in plaats van aan de
achterzijde, de grootste buitenruimte aanwezig is (diepe voortuinen).
Niet alleen bij deze verspringingen, maar ook in enkele clusters komen
deze grote diepe voortuinen voor (zoals aan de Koggewagen of Veurhuis).
De woningen die rond de Stern, Karekiet en de Maten zijn gelegen, zijn
zogenaamde kwadrantwoningen. Dit woningtype bestaat uit een kubusvormige
basis met daarin vier woningen. De (zij)tuinen van de woningen zijn
rondom de woning gelegen en worden door groenstroken gescheiden van de
weg. De tuinen zijn niet zo diep (gemiddeld 3 m-6 m), waardoor er weinig
ruimte is voor uitbreiding van de woning of voor bijgebouwen. Omdat er
weinig ruimte is en die ruimte bovendien overal grenst aan openbaar
gebied, zijn er beperkte mogelijkheden voor erfbebouwing. Uitzondering
op de grondgebonden woningen zijn de flatgebouwen langs de
ontsluitingsroute Viersloot, 't Uilebord en de Noord, (nabij het
winkelcentrum). De flatgebouwen zijn op dit moment 3 bouwlagen hoog en
zijn onlangs opgetopt met een 4e bouwlaag.
Kapvormen
De diversiteit aan kapvormen in de Bijvanck bestaat uit zadeldaken,
afgeknotte zadeldaken, dwarskappen en lessenaarsdaken. Platte daken
komen uitsluitend bij de flatgebouwen aan de Uilebord en de Noord voor
en bij de woningen aan de Wetering. De dakvlakken lopen vaak door over
de aanbouwen/ bergingen aan zowel de voor- als de achterzijde of over
carports en garages. Ook is er regelmatig sprake van asymmetrische
dakvlakken. De diversiteit in kapvormen en de manier waarop deze
doorlopen zijn gerelateerd aan de clustering van de woningen. De
diversiteit is karakteristiek voor de Bijvanck en hangt sterk samen met
tijdsgeest waarin de wijk is gebouwd. Het is een kwaliteit van de wijk
die behouden moet blijven.
Erfbebouwing
De grote diversiteit aan woningtypen en hoe deze op het perceel
geplaatst zijn, zorgt ervoor dat er ook een grote diversiteit aan
erfbebouwing (aan- en uitbouwen, bijgebouwen) is en kan ontstaan. In het
bestemmingsplan is veelal aan één zijde van de woning, doorgaans de
gevel waar de entree is, de mogelijkheid voor het oprichten van
erfbebouwing opgenomen. Het gaat dan met name om uitbreidingen van de
woningen in de vorm van aan- en uitbouwen (één bouwlaag, met eventueel
een kap) en bijgebouwen (bijvoorbeeld een schuurtje).
De Bouwvenen
De Bouwvenen is een op zichzelf staand en deels autovrij buurtje met
een groen binnengebied aan de zuidoostkant van de kern van Blaricum. De
ontsluiting en het parkeergelegenheid ligt aan de buitenrand van de
buurt. De woningen in deze uitbreidingswijken zijn gegroepeerd in
buurtjes en hebben niet altijd een duidelijk onderscheid tussen achter-
en voorzijde. Veel achtertuinen grenzen aan de openbare weg of openbare
ruimte. De woningen staan in een rechte of gestaffelde rooilijn. De
overheersende opbouw is twee lagen met kap. De woningen zijn eenvoudig
tot gedifferentieerd van opzet waarbij afwisselende dakvlakken en
vooruitbouwen, bergingen en carports onder een doorlopende kap
voorkomen. De detaillering is zorgvuldig en in het algemeen eenvoudig.
Gevels zijn van baksteen veelal in combinatie met plaatmateriaal of
houten delen. Daken zijn gedekt met gebakken pannen. Het kleurgebruik is
terughoudend.
Waardebepaling, ontwikkeling en beleid
Behouden van herhaling van dezelfde woning per erf is het uitgangspunt.
De afwisselende openbare ruimte die tevens een functie heeft als
verblijfsruimte is het meest van belang voor deze wijken. De
afwisselende plaatsing en veelal gedifferentieerde opbouw van de
woningen versterken dit beeld. Met name bij de woningen die
gedifferentieerd van opbouw zijn hebben kleine wijzigingen en
toevoegingen een beperkte invloed op het beeld. Met name aan de zijde
die in het zicht ligt dienen op-, aan- en uitbouwen goed ingepast worden
in stijl van de panden en de op herhaling gebaseerde architectuur.
Welstandsniveau
Het welstandsbeleid voor deze uitbreidingswijk is gericht op het
handhaven van de afwisseling van buurten, herhaling van woningen en
zorgvuldige architectonische uitwerking.
Ligging
• woningen maken deel uit van een ontworpen stedenbouwkundig
patroon;
• de individuele woning binnen een cluster of blok is deel van het
geheel en voegt zich hier naar;
• rooilijnen zijn per cluster in samenhang.
Massa
• woningen hebben in principe per cluster dezelfde opbouw;
• de opbouw van de woningen bestaat uit een onderbouw van één tot
twee lagen met een (a-symmetrisch) zadeldak, maar ook plat
afgedekt
komt voor;
• bijgebouwen en op-, aan- en uitbouwen zijn bij voorkeur per
cluster
van hetzelfde model.
Architectonische uitwerking
• ontwerpaandacht voor alle details;
• herhaling in het cluster is leidraad voor het woningontwerp;
• wijzigingen en toevoegingen zijn in stijl en afwerking afgestemd op
de
architectuur van het hoofdvolume.
Materiaal- en kleurgebruik
• materiaal- en kleurgebruik is per cluster in samenhang;
• het kleurgebruik is terughoudend.
Kleine plannen
In afwijking van de criteria voor Aan- of uitbouwen, voldoen in dit
deelgebied de aan- of uitbouwen aan de achtergevel en de niet openbaar
gelegen zijgevel aan onderstaande criteria.
- aan- of uitbouwen aan de achterzijde mogen in de perceelsgrens worden
gebouwd. In afwijking van de criteria voor Bijgebouwen of overkappingen,
voldoen in dit deelgebied de bijgebouwen of overkappingen aan de
achterkant en de niet openbaar gelegen zijkant aan onderstaande
criteria.
- bijgebouwen of overkappingen aan de achterzijde mogen in de
perceelsgrens worden gebouwd.
In afwijking van de criteria voor Dakkapellen, voldoen in dit
deelgebied de dakkapellen aan de voorkant en de openbaar gelegen zijkant
aan onderstaande criteria.
- hoogte van de dakkapel, gemeten vanaf de voet van de dakkapel, minder
dan 1,5 m. In afwijking van de criteria Erf- of perceelsafscheidingen,
voldoet in het (deel)gebied Bijvanck de erf- of perceelsafscheidingen
aan de onderstaande criteria:
- erf- of perceelsafscheidingen aan de achterzijde mogen in de
perceelsgrens worden gebouwd.