Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 4

Artikel 4

Artikel 4

Onderdeel van Treasurystatuut

1.    Bij het aantrekken van kortlopende financieringsmiddelen streeft de gemeente ernaar om de kasgeldlimiet conform de Wet fido niet te overschrijden; 2.    Bij het afsluiten van leningen en het maken van renteafspraken wordt gezorgd dat de renterisiconorm in de toekomst niet wordt overschreden; 3.    Nieuwe leningen/uitzettingen worden gebaseerd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitenplanning; 4.    De rentetypische looptijd en het renteniveau van de betreffende lening/uitzetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie; 5.    De rentevisie van de gemeente wordt opgesteld op basis van de rentevisie van een vooraanstaande financiële instelling en de provincie, dit gebeurt conform de gemeentelijke P&C-cyclus.

Rechtspraak bij dit artikel