Naar hoofdinhoud
1. Het uitsluitend recht om, zolang aan de begraafplaats haar bestemming als zodanig niet is onttrokken en voorzover de daartoe bestemde ruimte op de begraafplaats zulks toelaat, stoffelijke resten in een familiegraf te doen begraven wordt op een daartoe bij hen schriftelijk in te dienen aanvraag, uitsluitend verleend door burgemeester en wethouders. De termijn begint te lopen op de datum waarop het eigen graf is uitgegeven. In of op een familiegraf kunnen asbussen worden bijgezet. Op een familiegraf mogen maximaal 2 asbussen worden bijgezet. In een familiegraf mogen maximaal 4 asbussen worden bijgezet. Indien er in en op een familiegraf asbussen worden bijgezet zal dit het aantal van 4 asbussen niet te boven mogen gaan. 2. Het recht, bedoeld in lid 1, wordt verleend voor een periode van 30 jaren voor een graf met 3 inlagen of voor een periode van 20 jaren voor een graf van 2 inlagen. 3. Het voor een periode van 30 respectievelijk 20 jaren uitgegeven graf kan door burgemeester en wethouders op verzoek van de rechthebbende telkens voor een periode van 10 jaren worden verlengd. 4. Het verlengen van het in lid 3 genoemde recht moet plaats hebben uiterlijk binnen één jaar na het verstrijken van de termijn, waarvoor het recht is verleend. 5. Het recht wordt gesteld ten name van één natuurlijk persoon of één rechtspersoon. 6. Op verzoek van de rechthebbende of, voorzover het een natuurlijk persoon betreft, diens erfgenamen kan het recht worden overgeschreven op een ander persoon. 7. Na overlijden van de rechthebbende kan het recht worden overgeschreven op een ander persoon mits de aanvraag hiertoe wordt gedaan binnen één jaar na het overlijden van de rechthebbende. 1. Indien na het overlijden van de rechthebbende de aanvraag tot overschrijving niet wordt gedaan binnen de termijn van één jaar, is het college bevoegd het recht op het eigen graf te doen vervallen. 2. Na het verstrijken van de termijn van één jaar kan het college het eigen graf alsnog op naam stellen van een nieuwe rechthebbende, tenzij dit recht betrekking heeft op een eigen graf dat inmiddels is geruimd. 3. Het recht vervalt, indien het een rechtspersoon betreft, bij het ophouden van de rechtspersoonlijkheid. 8. Van overschrijving kan slechts blijken uit een schriftelijk door burgemeester en wethouders afgegeven bewijs.

Rechtspraak bij dit artikel