Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g, onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 21 onder a. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht indien aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek inclusief chronisch psychische en psychosociale problemen
a. het gebruik van het openbaar vervoer of
b. het bereiken van het openbaar vervoer
onmogelijk maken.
Hoofdstuk 5
Artikel 22
Het recht op een algemene voorziening
Onderdeel van Voorzieningenverordening maatschappelijke ondersteuning 2010