1. De subsidie wordt vastgesteld op aanvraag van de inwoner.
2. De subsidie kan worden aangevraagd en vastgesteld per verrichte activiteit.
3. Het college bepaalt op welke wijze de aanvraag tot subsidievaststelling wordt ingediend.
4. Nadat het college heeft vastgesteld welke activiteiten zijn verricht of hebben plaatsgevonden en welke kosten zijn gemaakt, wordt de subsidie vastgesteld.
5. Indien het college vaststelt dat de inwoner voor de gesubsieerde activiteiten minder kosten heeft gemaakt dan de bedragen, genoemd in artikel 5, eerste lid, wordt de subsidie op dit lagere bedrag vastgesteld, tenzij de inwoner aantoonbaar kosten heeft gemaakt voor bij de gesubsidieerde activiteit behorende kleding of benodigde materialen. In dat geval wordt de subsidie vastgesteld op de som van de gemaakte kosten, maar ten hoogste op de bedragen, genoemd in artikel 5, eerste lid.
6. De aanvraag tot subsidievaststelling kan uiterlijk worden ingediend tot 1 maart van het kalenderjaar dat volgt op het jaar waarop de subsidie betrekking heeft.
Hoofdstuk 4
Artikel 11
Subsidievaststelling
Onderdeel van Subsidieverordening Sociaal Cultureel Fonds Vlaardingen 2010