Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 7:9:1:2

Spelregels ziekteverzuim

Onderdeel van CAR/UWO

Naast de overige relevante bepalingen in dit hoofdstuk gelden ten behoeve van het ziekteverzuimbegeleidingsproces de navolgende spelregels: Ingeval van ziekte is de ambtenaar verplicht om tussen 09.00 uur en 16.00 uur aanwezig en bereikbaar te zijn op het door hem opgegeven verblijfadres, tenzij anders is overeengekomen met de werkleider, de (waarnemend) afdelingsmanager of met de bedrijfsarts. In overleg tussen de werkleider of de (waarnemend) afdelingsmanager en de bedrijfsarts kan worden bepaald dat het herstel er bij gebaat is dat de ambtenaar zich overdag vrijer kan bewegen. Alleen voor het bezoeken van een arts en/of therapeut en voor een noodzakelijke boodschap is het de ambtenaar toegestaan om tussen 9.00 en 16.00 uur het verblijfadres te verlaten. Redenen voor de verplichting om aanwezig en bereikbaar te zijn op het verblijfadres op de aangegeven tijden zijn dat: de ARBO-dienst contact met de ambtenaar kan opnemen met betrokkene of hem bezoeken; de werkleider of de (waarnemend) afdelingsmanager, al dan niet na afspraak, contact met de ambtenaar kan opnemen met of hem bezoeken; Indien de ambtenaar tijdens ziekte op een ander verpleegadres dan het huisadres wil of moet (bijvoorbeeld als gevolg van ziekenhuisopname) verblijven, dan dient hij dit adres en telefoonnummer vooraf te melden aan zijn afdelingsmanager. Deze stelt de sectie Personeelszaken hiervan op de hoogte die zorg draagt voor melding aan de ARBO-dienst. Toestemming voor verblijf elders kan geweigerd worden, wanneer dit de genezing belemmert of vertraagt; De ambtenaar die wegens ziekte verhinderd is zijn functie geheel of gedeeltelijk te vervullen en met vakantie wil, moet hiervoor vooraf de toestemming hebben van de afdelingsmanager. De afdelingsmanager vraagt daartoe het advies van de bedrijfsarts. Toestemming voor vakantie kan geweigerd worden, wanneer dit de genezing belemmert of vertraagt; Het is de ambtenaar niet toegestaan tijdens ziekte werkzaamheden of anderszins activiteiten te verrichten, tenzij door de bedrijfsarts, al dan niet op arbeidstherapeutische basis, anders is bepaald; De ambtenaar dient gevolg te geven aan een oproep om op het spreekuur van de bedrijfsarts of een andere functionaris van de ARBO-dienst te verschijnen, ook indien hij op die datum het werk hervat of reeds heeft hervat, om met hem alle relevante informatie omtrent zijn klachten te delen. Indien de ambtenaar fysiek of psychisch niet in staat is om gevolg aan de oproep te geven, dan dient hij dit vroegtijdig aan de ARBO-dienst te melden; Indien de ambtenaar het werk niet kan hervatten op de door de bedrijfsarts aangegeven datum, dan dient de ambtenaar dit zo spoedig mogelijk te melden aan zowel de bedrijfsarts als aan de werkleider of de (waarnemend) afdelingsmanager; Indien de ambtenaar weer een aanvang met zijn werkzaamheden kan maken, dan hoeft hij niet te wachten op toestemming hiervoor van zijn werkleider of (waarnemend) afdelingsmanager en/of de bedrijfsarts. Uitgezonderd wanneer de bedrijfsarts of een andere functionaris van de ARBO-dienst de ambtenaar geen toestemming tot werkhervatting heeft gegeven zonder voortijdig overleg met hem en/of er anders luidende afspraken zijn gemaakt met de werkleider of (waarnemend) afdelingsmanager; De afdelingsmanager is primair verantwoordelijk voor de reïntegratie van de (gedeeltelijk) herstelde ambtenaar en draagt zorg voor de begeleiding van de ambtenaar bij de terugkeer binnen de eigen afdeling. Indien de reintegratie plaatsvindt binnen een andere afdeling, dan blijft de afdelingsmanager verantwoordelijk.

Rechtspraak bij dit artikel