**1..** Een lid van de Raad, een wethouder, de burgemeester of de
secretaris, die door de gemeenteraad is aangewezen tot lid van het
algemeen bestuur van een openbaar lichaam of van een ander
gemeenschappelijk orgaan, ingesteld op grond van de Wet
gemeenschappelijke regelingen, heeft het recht voor het sluiten van
de vergadering verslag te doen over zaken die in het algemeen
bestuur als bedoeld aan de orde zijn. Door de Raad gewenste
bespreking van dit verslag kan de voorzitter verwijzen naar de
Commissie.
**2..** Ieder lid van de Raad kan aan een persoon als bedoeld in het eerste
lid schriftelijke vragen stellen. De regels voor het stellen van
schriftelijke vragen, vastgesteld in artikel 40, zijn van
overeenkomstige toepassing.
**3..** Wanneer een lid van de Raad een persoon als bedoeld in het eerste
lid ter verantwoording wenst te roepen over zijn wijze van
functioneren als zodanig, besluit de Raad over het toestaan daarvan.
De regels voor het vragen van inlichtingen, vastgesteld in artikel
41, zijn van overeenkomstige toepassing.
**4..** Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op andere organisaties
of instituties, waarin de Raad een van zijn leden heeft
benoemd.
Hoofdstuk VI
Artikel 44
Verslag; verantwoording
Onderdeel van Reglement van Orde voor de vergaderingen van de Raad van de gemeente Noordenveld