Bij opdrachtgevers tot woningontruimingen (over het algemeen een woningbouwvereniging), die - na een daartoe strekkend verzoek van de gemeente - niet hebben laten weten dat zij zorg zullen dragen voor het verwijderen van de inboedels, is sprake van een dreigende overtreding van de APV. In deze gevallen wordt de bestuursdwangprocedure in gang gezet. Dit geldt ook als praktijkervaringen met verhuurders hiertoe aanleiding geven.
Opdrachtgevers die op verzoek van de gemeente te kennen hebben gegeven dat zij de verantwoordelijkheid voor de verwijdering en opslag van de inboedel na een ontruiming op zich nemen (10), zullen vanzelfsprekend niet (preventief) worden aangeschreven in het kader van bestuursdwang. Mocht er echter alsnog geconstateerd worden dat de APV wordt overtreden dan zal de spoedeisende bestuursdwangprocedure worden gevolgd.
In de hieronder geschetste procedure is aangegeven hoe de gemeente Houten invulling wil gaan geven aan de mogelijkheden die de bestuursdwangprocedure biedt.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.3.2
De bestuursdwangprocedure stap voor stap
Onderdeel van Notitie inboedelverwijdering na woningontruiming gemeente Houten