Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Hoorzitting

Onderdeel van Klachtenregeling Ooststellingwerf 2001

1.. De klachtenfunctionaris deelt de klager en het bestuursorgaan tenmin¬ste drie weken voor de zitting schriftelijk mee, dat zij in de gelegenheid worden gesteld zich te doen horen op de hoorzitting. De klachtenfunctionaris bepaalt de tijd en het tijdstip van de hoorzitting. 2.. Binnen drie dagen na de in het eerste lid bedoelde mededeling, kan de klager of het verwerend orgaan, onder opgaaf van redenen, de klachten¬functionaris verzoeken het tijdstip van de hoorzitting te wijzigen. 3.. De beslissing van de klachtenfunctionaris op een verzoek als bedoeld in het tweede lid wordt zo spoedig mogelijk aan de klager en het bestuurs¬orgaan meegedeeld, doch in ieder geval twee weken voor het tijdstip van de hoorzitting. 4.. De klachtenfunctionaris kan in bijzondere omstandigheden afwijken van de termijnen in het eerste, tweede en derde lid.

Rechtspraak bij dit artikel