Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 15

Voorschriften en beperkingen

Onderdeel van Verordening kabels en leidingen Etten-Leur 2008

1.. Het college kan, met inachtneming van het Handboek, aan een vergunning of instemming voorschriften en beperkingen verbinden. 2.. De voorschriften en beperkingen, bedoeld in het eerste lid, hebben betrekking op: de bescherming van de openbare orde; de bescherming van de bodem; de bescherming van archeologische waarden; de bescherming van beplanting en groenvoorzieningen; de bescherming van de volksgezondheid; de voorkoming van gevaar, schade of hinder; de verkeersveiligheid en goede doorstroming van het verkeer; het verschaffen van nadere informatie; de bescherming en ongestoorde exploitatie van naburige kabels en leidingen; de afstemming met andere werken of werkzaamheden; de verzekering van de toestand waarin het tracé na voltooiing van het werk moet worden opgeleverd; het behoud van de integriteit van de kabel of leiding; de bepaling van het tijdstip waarop de feitelijke werkzaamheden aan de leiding mogen of moeten beginnen; het tijdschema voor de aanleg, wijziging of verwijdering van de leiding; de bepaling van onderhoudsverplichtingen; hergebruik en afvoer van bouwstoffen; het tracé waar de leiding moet worden gelegd en gehouden. 3.. Het college kan nadere regels stellen omtrent het tijdstip, de plaats en de wijze van uitvoering bij aanleg, onderhoud, verplaatsing en opruiming van kabels en leidingen, het bevorderen van medegebruik van voorzieningen en het afstemmen van de voorgenomen werkzaamheden met beheerders van overige in de grond aanwezige werken. 4.. Indien binnen drie jaar na groot onderhoud of herinrichting van de openbare gronden de netwerkbeheerder werkzaamheden moet uitvoeren, kan het college bijzondere voorwaarden stellen aan de wijze van herstel. De hiermee gepaard gaande kosten zijn voor rekening van de netwerkbeheerder. 5.. Aan het herstel van bijzondere bestrating kan het college nadere voorwaarden stellen.

Rechtspraak bij dit artikel