Als één ruimte wordt aangemerkt:

  • - binnen de gemeente gelegen ruimte;
  • - een gedeelte van een onder a genoemde ruimte dat blijkens zijn indeling is bestemd om als een afzonderlijk geheel te worden gebruikt;
  • - een samenstel van twee of meer onder a genoemde ruimten of onder b bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde belastingplichtige in gebruik zijn en die, naarde omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren;
  • - het binnen de gemeente gelegen deel van een onder a genoemde ruimte, van een onder b bedoeld gedeelte daarvan of van een onder c bedoeld samenstel.