Voor het bepalen van de hoogte van het persoonsgebonden budget in de kosten van woonvoorzieningen van niet-bouwkundige of niet-woontechnische aard worden dezelfde regels gehanteerd als bij de vergoeding van woningaanpassingen. Daartoe wordt verwezen naar artikel 6.3 van dit besluit. In beginsel worden dus ook hier alle kosten vergoed.
Lid 2
Voor kosten van voorziening die niet via een leverancier in natura kunnen worden geleverd wordt de offerte-methode gehanteerd zoals beschreven in de toelichting onder artikel 8.
Lid 3
Voor woningsanering i.v.m. CARA / allergie wordt aangesloten bij de richtprijzen in de prijzengids van het Nederlands instuur voor budgetvoorlichting (Nibud).
De hoogte van het persoonsgebonden voor niet-woontechnische of niet-bouwkundige woningaanpassingen wordt vastgesteld op het bedrag dat gedurende de gebruiksduur van de voorziening door de leverancier bij de gemeente in rekening zou zijn gebracht indien de voorziening in natura zou zijn geleverd.
Lid 5
Voor de kosten welke samenhangen met het hebben van een hulphond wordt een financiële tegemoetkoming verstrekt. Voorwaarde is dat het gaat om een hulphond van Stichting Hulphond Nederland. Daarnaast dient de hulphond zodanig noodzakelijk te zijn dat vanwege de aanwezigheid van de hulphond het aanbrengen van niet-bouwkundige of niet woon-technische woonvoorzieningen niet noodzakelijk is. Dit ziet met name op de vraag of de hulphond aanwezig is in verband met het wegnemen van beperkingen. Ook in gevallen waarin de hulphond slechts voor een deel het aanbrengen van kleine voorziening overbodig maakt, maar bijvoorbeeld bepaalde kleine woningaanpassingen toch noodzakelijk zijn, komen de kosten van de hulphond toch voor vergoeding in aanmerking.
HOOFDSTUK 6:
Artikel 6.4
Kosten van woonvoorzieningen van niet-bouwtechnische of niet-bouwkundige aard
Onderdeel van Besluit nadere regels individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2011 (WMO)