Naar hoofdinhoud

Besluit nadere regels individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2011 (WMO)

74 artikelen

Artikelen

  1. Art. 1Begripsbepalingen
  2. Art. 2.1Voorwaarden financiële tegemoetkoming
  3. Art. 2.2Betaalbaarstelling persoonsgebonden budget
  4. Art. 2.3Verplichtingen verbonden aan het persoonsgebonden budget
  5. Art. 2.4Beperkingen persoonsgebonden budget
  6. Art. 3.1Gevallen waarin een deskundigenadvies moet worden ingewonnen
  7. Art. 3.2Heronderzoeken
  8. Art. 3.3Herindicatie
  9. Art. 4.1Hoogte eigen bijdrage en eigen aandeel
  10. Art. 4.4Ingangsdatum voorzieningen
  11. Art. 5.1Zorg in natura
  12. Art. 5.2Hoogte bedrag persoonsgebonden budget hulp bij het huishouden
  13. Art. 6.1Hoogte financiële tegemoetkoming en persoonsgebonden budget in de kosten van verhuizing en inrichting
  14. Art. 6.2Kostensoorten voor aanpassingen van bouwtechnische of bouwkundige aard
  15. Art. 6.3Hoogte financiële tegemoetkoming voor aanpassingen van bouwtechnische of bouwkundige aard
  16. Art. 6.4Kosten van woonvoorzieningen van niet-bouwtechnische of niet-bouwkundige aard
  17. Art. 6.5Kosten van onderhoud, keuring en reparatie van woonvoorzieningen
  18. Art. 6.6Kosten van tijdelijke huisvesting
  19. Art. 6.7Kosten van huurderving
  20. Art. 6.8Aantal m² grond waarvoor financiële tegemoetkoming mogelijk is
  21. Art. 6.9Woningaanpassingen van gemeenschappelijke ruimten
  22. Art. 6.10Maximaal aanpassingsbedrag woonwagen/woonschip in bepaalde situaties
  23. Art. 6.11Niet toepassen primaat verhuizing
  24. Art. 6.12Maximaal aanpassingsbedrag voor bezoekbaar maken woning
  25. Art. 6.13Hoogte financiële tegemoetkoming in kosten verwijderen van voorzieningen
  26. Art. 6.14Minimum aanpassingsbedrag waarbij terugbetalingsverplichting
  27. Art. 6.15Woonvoorzieningen in eigendom
  28. Art. 7.1Vervoersvoorzieningen in natura, financiële tegemoetkoming dan wel persoonsgebonden budget
  29. Art. 8.1Hoogte persoonsgebonden budget rolstoelstoelvoorzieningen
  30. Art. 8.2Hoogte financiële tegemoetkoming voor training
  31. Art. 9.1Hoogte financiële tegemoetkoming sportvoorziening
  32. Art. 9.2Aantoonbaarheid
  33. Art. 10.1Indexering
  34. Art. 10.2Citeertitel
  35. Art. 10.3Inwerkingtreding
  36. Art. 1Begripsbepalingen
  37. Art. 2.1Voorwaarden financiële tegemoetkoming
  38. Art. 2.2Betaalbaarstelling persoonsgebonden budget
  39. Art. 2.3Verplichtingen verbonden aan het persoonsgebonden budget
  40. Art. 2.4Beperking persoonsgebonden budget
  41. Art. 3.1Gevallen waarin een deskundigenadvies moet worden ingewonnen
  42. Art. 3.2Heronderzoeken
  43. Art. 3.3Herindicatie
  44. Art. 4.1Hoogte eigen bijdrage en eigen aandeel
  45. Art. 4.2Inning eigen bijdrage en eigen aandeel
  46. Art. 4.3Herverstrekkken voorzieningen
  47. Art. 4.4Ingangsdatum voorzieningen
  48. Art. 5.1Zorg in natura
  49. Art. 5.2Hoogte persoonsgebonden budget voor hulp bij de huishouding
  50. Art. 6.1Hoogte financiële tegemoetkoming in de kosten van verhuizing en inrichting
  51. Art. 6.2Kostensoorten voor aanpassingen van bouwtechnische of bouwkundige aard
  52. Art. 6.3Hoogte financiële tegemoetkoming voor aanpassingen van bouwtechnische of bouwkundige aard
  53. Art. 6.4Kosten van woonvoorzieningen van niet-bouwtechnische of niet-bouwkundige aard
  54. Art. 6.5Kosten van onderhoud, keuring en reparatie van woonvoorzieningen
  55. Art. 6.6Kosten van tijdelijke huisvesting
  56. Art. 6.8Kosten van huurderving
  57. Art. 6.8Aantal m² grond waarvoor financiële tegemoetkoming mogelijk is.
  58. Art. 6.9Woningaanpassingen van gemeenschappelijke ruimten
  59. Art. 6.10Maximale aanpassingsbedrag woonwagen/woonschip in bepaalde situaties
  60. Art. 6.11Niet toepassen primaat verhuizing
  61. Art. 6.12Maximaal aanpassingsbedrag bij bezoekbaar maken woning
  62. Art. 6.13Hoogte financiële tegemoetkoming in kosten verwijderen van voorzieningen
  63. Art. 6.14Minimum aanpassingsbedrag waarbij terugbetalingsverplichting
  64. Art. 7.1Vervoersvoorzieningen in natura, financiële tegemoetkoming dan wel persoonsgebonden budget
  65. Art. 7.2Hoogte financiële tegemoetkoming en persoonsgebonden budget vervoersvoorzieningen
  66. Art. 7.3Vaststellen inkomen voor toets recht op vervoersvoorziening
  67. Art. 7.4Kosten en aftrekposten op inkomen voor recht op vervoersvoorziening
  68. Art. 8.1Hoogte persoonsgebonden budget voor rolstoelstoelvoorzieningen
  69. Art. 8.2Hoogte financiële tegemoetkoming voor training
  70. Art. 9.1Hoogte financiële tegemoetkoming sportvoorziening
  71. Art. 9.2Aantoonbaarheid
  72. Art. 10.1Indexering
  73. Art. 10.2Citeertitel
  74. Art. 10.3Inwerkingtreding