De rechthebbende op vee of pluimvee, dat zich bevindt in een
aan een weg liggend weiland of terrein dat niet van die weg
is afgescheiden door een deugdelijke veekering, is verplicht
ervoor te zorgen dat zodanige maatregelen getroffen worden
dat dit vee of pluimvee die weg niet kan bereiken.
Het eerste lid is niet van toepassing indien voor het
bereiken van de overzijde van de weg rechtmatig gebruik
wordt gemaakt van een vee-oversteekplaats die met dat doel
in het leven is geroepen en als zodanig herkenbaar is.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 11
Artikel 2:62
Loslopend vee en pluimvee
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Culemborg 2011-1