Het bevoegd gezag kan aan een vergunning als bedoeld in
artikel 4:11A de voorwaarde verbinden dat binnen een
bepaalde termijn en overeenkomstig de door het college te
geven aanwijzingen moet worden herplant. Wordt deze
voorwaarde aan een vergunning verbonden, dan kan daarbij
tevens worden bepaald binnen welke termijn en op welke wijze
niet geslaagde herbeplanting moet worden vervangen.
Indien een houtopstand wordt geveld in strijd met hetgeen
bij of krachtens deze afdeling is bepaald, dan kan het
bevoegd gezag degene die een vergunning heeft aangevraagd
dan wel had behoren aan te vragen en/of de zakelijk
gerechtigde van de grond verplichten binnen een bepaalde
termijn en overeenkomstig de door het bevoegd gezag te geven
aanwijzingen tot herplant over te gaan. Wordt een dergelijke
verplichting opgelegd, dan kan daarbij tevens worden bepaald
binnen welke termijn en op welke wijze niet geslaagde
herbeplanting moet worden vervangen.
Hoofdstuk 4 › Afdeling 3
Artikel 4:11D
Herplant
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Culemborg 2011-1