Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3

Artikel 14

Intrekken van de vergunning

Onderdeel van Erfgoedverordening Culemborg 2010

De vergunning kan door burgemeester en wethouders worden ingetrokken indien: blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of onvolledige opgave is verleend; blijkt dat de vergunninghouder de voorschriften als bedoeld in artikel 10, derde lid, of artikel 12, lid 9, niet naleeft; de omstandigheden aan de kant van de vergunninghouder zich zodanig hebben gewijzigd, dat het belang van het monument, archeologisch waardevol gebied of archeologisch onderzoeksgebied zwaarder dient te wegen; niet binnen twee jaar van de vergunning gebruik wordt gemaakt. Het besluit tot intrekking wordt in afschrift gezonden aan de Monumentencommissie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel