Indien en voor zover blijkt dat een belanghebbende ten gevolge van:
de weigering van burgemeester en wethouders een vergunning als bedoeld in artikel 10, tweede lid, te verlenen;
voorschriften door burgemeester en wethouders verbonden aan een vergunning als bedoeld in artikel 10, tweede lid, of artikel 12, lid 9;
nadere regels door burgemeester en wethouders als bedoeld in artikel 10, derde lid, artikel 16, tweede lid, sub d en artikel 17, tweede lid, tweede volzin
schade lijdt of zal lijden, die redelijkerwijze niet of niet geheel te zijnen laste behoort te blijven, kennen burgemeester en wethouders hem op zijn aanvraag een naar billijkheid te bepalen schadevergoeding toe.
Voor de behandeling van de aanvragen zijn de bepalingen van de verordening ter regeling van de procedure bij toepassing van afdeling 6.1 van de Wet op de ruimtelijke ordening van overeenkomstige toepassing.