Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2.

Uitstroompremie

Onderdeel van Premieverordening Wet werk en bijstand 2004

De uitkeringsgerechtigde die arbeid in dienstbetrekking aanvaardt, als zelfstandige inkomsten verwerft of andere vormen van algemeen geaccepteerde arbeid verricht ten gevolge waarvan hij volledig in de kosten van bestaan kan voorzien en die onmiddellijk voorafgaand aan zijn indiensttreding ten minste een jaar ononderbroken uitkering voor levensonderhoud heeft ontvangen op grond van de wet, de Abw, het Bbz 2004, de Ioaw of de Ioaz, ontvangt een éénmalige premie van hetgeen is vastgesteld in artikel 31 lid 2 sub j (per 01-07-2009 ( € 2219,00). Degene die arbeid in dienstbetrekking, anders dan gesubsidieerde arbeid, aanvaardt ten gevolge waarvan hij volledig in de kosten van bestaan kan voorzien, en die in de periode onmiddellijk voorafgaand aan zijn indiensttreding gesubsidieerde arbeid heeft verricht, ontvangt een éénmalige premie van € 1.500,-. Uitzondering hierop vormen de personen die ten tijde van het aanvaarden van de gesubsidieerde arbeidsplaats niet in Culemborg woonachtig waren. De premie wordt slechts verstrekt bij een dienstverband van langer dan zes maanden. Er bestaat geen recht op een premie als binnen een periode van 24 maanden voorafgaande aan het moment van uitstroom al eerder een uitstroompremie op grond van de Premieverordening is verstrekt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel