Het mandaat omvat naast het nemen en ondertekenen van besluiten, tevens het verrichten van alle voorbereidings- en uitvoeringshandelingen die bij de uitoefening van de bevoegdheid behoren, zoals:
het verstrekken van mondelinge en/of schriftelijke informatie en gegevens van feitelijke en objectieve aard;
het verzenden van ontvangstbewijzen;
het voeren van overige correspondentie;
het vragen van adviezen en inwinnen van inlichtingen;
het verzorgen van bekendmakingen, kennisgevingen en andere publicaties.
De gemandateerde is bevoegd tot het nemen van besluiten als vermeld in de bijgevoegde
mandatenlijst, tenzij:
de mandaatgever vooraf te kennen heeft gegeven zelf te willen beslissen;
uit overleg met de portefeuillehouder blijkt dat de portefeuillehouder het voorstel aan het ter zake bevoegd bestuursorgaan wil voorleggen;
advies nodig is van andere afdelingen en het advies en het eigen standpunt niet op elkaar aansluiten of niet tot dezelfde conclusie leiden;
het besluit een afwijking zou inhouden van het bestaande beleid, richtlijnen, voorschriften en dergelijke;
het besluit overschrijding van budgetten of kredieten zou inhouden;
het besluit de uitoefening van een hardheidsclausule inhoudt.
Indien zich één of meer van de in het tweede lid onder a. tot en met f. omschreven situaties zich voordoet, dan besluit het ter zake bevoegde bestuursorgaan zelf.
Hoofdstuk
Artikel 4.
Algemene regels, uitzonderingen
Onderdeel van Mandaatregeling gemeente IJsselstein 2011