Naar hoofdinhoud

Afdeling II

Artikel 7

De bedrijfsparkeervergunning

Onderdeel van Parkeerverordening 2011

1.. Het college kan op aanvraag, onverminderd het bepaalde in artikel 10, bedrijfsparkeervergunningen verlenen aan een bedrijf dat, volgens de gegevens in het handelsregister van de Kamer van Koophandel, gevestigd is in de binnenstad in een bedrijfsruimte waarvoor een vergunning voor het uitoefenen van een bedrijf is verleend voor zover: voor het uitoefenen van de bedrijfsvoering in de onmiddellijke omgeving van de bedrijfslocatie op belanghebbendenparkeerplaatsen moet worden geparkeerd en het gebruik van de bezoekersparkeervergunning niet in deze (jaarlijkse) parkeerbehoefte kan voorzien. 2.. Het college stelt, bij openbaar te maken besluit, het aantal werknemers vast op grond waarvan een bedrijfsvergunning kan worden verleend. 3.. Indien een bedrijf of aanvrager van een bedrijfsparkeervergunning beschikt over parkeergelegenheid op eigen terrein wordt het maximale aantal te verlenen bedrijfsparkeervergunningen gereduceerd met: het aantal plaatsen waarover het bedrijf of de aanvrager de beschikking heeft op eigen terrein en; het aantal parkeerplaatsen dat volgens een contract met de gemeente inzake gronduitgifte gerealiseerd had moeten worden minus het aantal parkeerplaatsen waarvoor aan de gemeente een afkoopsom betaald is om openbare parkeerplaatsen te realiseren. 4.. De bedrijfsparkeervergunning is geldig in de gehele binnenstad 5.. De bedrijfsparkeervergunning wordt op naam van het bedrijf gesteld. 6.. De bedrijfsparkeervergunning wordt niet automatisch verlengd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel