ingekuilde landbouwproducten e.d.
1.Het college kan, in de openlucht, buiten de weg gelegen plaatsen
aanwijzen waar het in het
belang van het uiterlijk aanzien van de gemeente, ter voorkoming of
opheffing van overlast dan
wel voorkoming van schade aan de openbare gezondheid, verboden is
een of meer van de
volgende daarbij nader aangeduide, voorwerpen of stoffen op te
slaan, te plaatsen of aanwezig te
hebben, anders dan met inachtneming van de door hen gestelde
regels:
a.onbruikbare of aan hun oorspronkelijke bestemming onttrokken voer-
of vaartuigen of
onderdelen daarvan;
bromfietsen en motorvoertuigen of onderdelen daarvan;
caravans, kampeerwagens, boten, tenten en andere dergelijke,
gewoonlijk voor recreatieve
doeleinden gebezigde voorwerpen, indien het plaatsen of aanwezig
hebben daarvan geschiedt
voor verkoop of verhuur of anderszins voor een commercieel
doel;
d.mestopslag, gierkelder of andere verzamelplaatsen van vuil, een
verzameling ingekuild gras,
loof of pulp of ingekuilde landbouwproducten, afval,
afbraakmaterialen en oude metalen.
2.In het eerste lid wordt onder weg verstaan, hetgeen daaronder
verstaan wordt in artikel 1 van
de Wegenverkeerswet.
3.Het is verboden op een door het college krachtens het eerste lid
aangewezen plaats een door
hen aangeduid voorwerp of stof:
op te slaan, te plaatsen of aanwezig te hebben; dan wel
op te slaan, te plaatsen of aanwezig te hebben anders dan
met inachtneming van de door hen
gestelde regels.
4.Het in dit artikel bepaalde geldt niet voor zover de Wet
Milieubeheer, de Wet op de
Ruimtelijke Ordening of de Verordening Bescherming Landschap en
Natuur Zuid-Holland of de
Grondwaterbeschermingsverordening Zuid-Holland van toepassing
is.
HOOFDSTUK 4. › Paragraaf 5
Artikel 4.5.1
Opslag bromfietsen, motorvoertuigen, caravans, afvalstoffen, mest,
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Schiedam 2010