In artikel 38:0:0:10 wordt geregeld binnen welke termijnen een klacht moet worden afgehandeld. Klagers moeten immers de zekerheid hebben dat hun klacht vlot wordt afgehandeld. Het registreren en bevestigen van een klacht, het houden van een hoorzitting, het onderzoeken van en het beslissen op de klacht dient binnen een termijn van zes weken plaats te vinden, behoudens verdaging voor ten hoogste vier weken. Het bestuursorgaan blijft, wanneer het de termijn voor afhandeling heeft overschreden, verplicht de klacht verder te behandelen. Voor bijzondere gevallen, bijvoorbeeld in gecompliceerde zaken, is voorzien in een verdaging van ten hoogste vier weken onder de verplichting daarvan schriftelijk mededeling te doen. Het tijdstip van ontvangst van een klacht is voor de termijn bepalend, ook al zou de klacht nog enige tijd bij het bestuursorgaan zijn blijven liggen.