<vet>Bebouwing en omgeving</vet>Vrijstaande woningen binnen dit thema zijn gelegen binnen de verschillende gebieden. Vanwege het individuele karakter zijn de woningen goed herkenbaar en belangrijk voor de oriëntatie. Bebouwing en openbare ruimte in de directe omgeving sluiten goed op elkaar aan. De bebouwing is op de openbare ruimte georiënteerd.<vet>Bebouwing op zich</vet>De architectuur is gevarieerd, vaak beïnvloed door de opdrachtgever en sterk afhankelijk van de periode waarin deze woningen zijn gebouwd. De bebouwingsstructuur is open. De bebouwing is vrijstaand en incidenteel twee-onder-één-kap woningen. Door de maatvoering van de kavel staan de nokken over hef algemeen haaks op de weg. Bijgebouwen komen zowel vrijstaand als aangebouwd aan het hoofdgebouw voor. De verschijningsvorm sluit vaak aan op die van het hoofdgebouw. De variatie van de individuele woningen is bepalend voor het straatbeeld. Belangrijk daarvoor zijn de voortuinen en de groene erfafscheidingen.<vet>Materiaal, detaillering en kleur</vet>Kleur-, materiaalgebruik en detaillering verschilt per woning en hangt nauw samen met de periode waarin het gebouwd is. De onderlinge samenhang zorgt voor een eigen identiteit en verhoogt hierbij de herkenbaarheid. Over het algemeen is de verschijningsvorm traditioneel.<vet>Criteria</vet>De volgende uitgangspunten gelden voor ontwerp en toetsing:Bebouwing en omgeving•De stedenbouwkundige opzet dient in de toekomst leesbaar te blijven. Belangrijk hierbij is de aansluiting op de openbare ruimte en de rang- schikking van de bebouwing. •Veranderingen aan het hoofdgebouw moeten passen in het straatbeeld, De regelmatige plaatsing van de woningen moet niet worden verstoord. •De bebouwing moet georiënteerd zijn naar de openbare weg. Bij hoeksituaties is oriëntatie naar twee zijden uitgangspunt. Bebouwing op zich•De huidige hoofdvorm is maatgevend voor de architectonische eenheid. •Uitgangspunt is de bestaande gevelopbouw van de individuele woningen. •Er dient een relatie te zijn tussen de gevelindeling en de achterliggende functies. •Aanbouwen moeten ondergeschikt zijn aan de hoofdmassa. •Dakkapellen aan de voorzijde verstoren het straatbeeld. <vet>Materiaal, detaillering en kleur</vet>•Het individuele karakter van de woning is maatgevend. •Kleur-, materiaalgebruik en detaillering van het oorspronkelijke ontwerp dienen als uitgangspunt voor aanpassingen. •Erfafscheidingen dienen zo veel mogelijk te worden uitgevoerd van levend materiaal of in een transparante vorm.