Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.21

Groen met verspreide bebouwing

Onderdeel van Welstandsnota 2004

<vet>Bebouwing en omgeving</vet>Aan de noordkant van de Staartweg ligt een bosgebied. In dit gebied komt verspreid bebouwing voor zoals verenigingsgebouwen, camping, sportterreinen, maneges, begraafplaats en (bedrijfs)woningen. De bebouwing staat in open ruimten die zijn omgeven door hoog opgaand groen dat het zicht op de bebouwing meestal ontneemt. In het gebied ligt een staatsnatuurmonument waar geen bebouwing voorkomt. <vet>Bebouwing op zich</vet>De aanwezige bebouwing is functioneel en eenvoudig van uitstraling. De bebouwing bestaat veelal uit een bouwlaag met een plat dak of flauw zadeldak.<vet>Materiaal, detaillering en kleur</vet>De materiaaltoepassing is sober en doelmatig en vaak ondergeschikt aan de omgeving.<vet>Criteria</vet>De volgende uitgangspunten gelden voor ontwerp en toetsing:<vet>Bebouwing en omgeving</vet>•Het groene karakter van het gebied dient behouden te blijven. •Het bouwwerk dient ondergeschikt te zijn aan het karakter van het bosgebied en zich te richten op de landschappelijke structuur. Daarbij wordt gebruik gemaakt van zichtlijnen en landschappelijke verbijzonderingen.<vet>Bebouwing op zich</vet>•Massa en norm van bebouwing dient te passen in de omgeving. •Voor verenigingsgebouwen is een houten gebouw met een flauw zadeldak uitgangspunt. •Grootschaligheid is niet toegestaan tenzij het bestemmingsplan hiervoor de mogelijkheid biedt. •Sterke contrasten tussen omgeving en bebouwing zijn niet toegestaan. <vet>Materiaal, detaillering en kleur</vet>•Kleuren die sterk contrasteren met de omgeving zijn niet toegestaan. •Voor nieuwbouw is een eenvoudige materiaalkeus en detaillering gewenst, passend in de omgeving.

Rechtspraak bij dit artikel