Naar hoofdinhoud
1. Indien de klacht betrekking heeft op een handeling of gedraging van een afdelingshoofd, stelt de klachtenfunctionaris de klager en het betrokken afdelingshoofd in de gelegenheid om hun standpunten met betrekking tot de klacht in elkaars aanwezigheid toe te lichten, tenzij er geen verschil van mening bestaat over de feitelijke toedracht. Betrokkenen mogen zich daarbij door derden laten bijstaan. 2. Artikel 10, leden 2, 3 en 4, zijn van overeenkomstige toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel