Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3

Artikel 3

Onderdeel van Compensatieverordening Bos, Natuur, Landschap en Archeologie

1.. Uitgezonderd gevallen waarin de compensatiebepalingen van de Europese Habitatrichtlijn, dan wel de Natuurbeschermingswet van toepassing zijn, dient de initiatiefnemer tegelijk met zijn aanvraag voor de concrete ruimtelijke ingreep een compensatieplan te overleggen, waarin op een integrale en nauwgezette wijze in elk geval de volgende aspecten worden beschreven: de bestaande waarden van het betrokken gebied in relatie tot de omgeving; de redelijkerwijs te verwachten effecten van de voorgenomen ruimtelijke ingreep; de in artikel 2, eerste lid, bedoelde maatregelen; de financiering van de te treffen maatregelen; de ruimtelijke ingreep zelf; het zwaarwegend maatschappelijk belang; waar en hoe compensatie wordt voorgesteld. 2.. Burgemeester en wethouders verlenen slechts medewerking aan de ruimtelijke ingreep indien geen andere geschikte locatie voor het te dienen belang als bedoeld in artikel 2, eerste lid aanwezig is en het vorenbedoelde maatschappelijk belang op een adequate wijze is aangetoond. 3.. Afhankelijk van de situatie kunnen burgemeester en wethouders nadere eisen stellen met betrekking tot de inhoud van het in het eerste lid bedoelde plan en de te volgen procedure. De initiatiefnemer pleegt hieromtrent vooraf overleg met de gemeente. 4.. Het in het eerste lid bedoelde plan wordt tegelijkertijd met de aanvraag ingediend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel