Indien het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht, bedoeld in artikel 44, eerste lid, van de wet heeft geleid tot het ten onrechte toekennen of uitvoeren van het werkleeraanbod of tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van de inkomensvoorziening, wordt een benadelingsmaatregel opgelegd van 15% van het benadelingsbedrag.
De duur van de maatregel, bedoeld in het eerste lid, wordt vastgesteld op een maand of, indien de benadelingsmaatregel hoger is dan de maanduitkering, over de maanden die volgen op de maand waarover voor het eerst de benadelingsmaatregel is toegepast.
Van een maatregel wordt afgezien:
zodra ter zake van de gedraging strafvervolging is ingesteld en het onderzoek ter terechtzitting een aanvang heeft genomen;
zodra het recht tot strafvervolging is vervallen, doordat het Openbaar Ministerie een schikking met belanghebbende heeft getroffen.
HOOFDSTUK 4. ZEER ERNSTIGE MISDRAGINGEN
Artikel 12.
Schending inlichtingenplicht met benadeling RSD
Onderdeel van Maatregelenverordening Wet investeren in jongeren RSD 2009